Twee nieuwe bestuursleden bij vakgroep LTO Paardenhouderij
De vakgroep verwelkomt 2 nieuwe bestuursleden: Anita de Keijzer en Jorine von Martels-Cosse
Persbericht - 26 juni 2026
“De stikstofaanpak die het kabinet vandaag presenteerde, bevat maatregelen die diep in zullen grijpen in de bedrijfsvoering van veel boeren en tuinders. Voor cruciale maatregelen geldt dat de keuze onbegrijpelijk en disproportioneel is. Zoals de omgang met zonering rondom natuurgebieden, en de voorgestelde uitwerking van grondgebondenheid. “Pijnlijke maatregelen”, zegt LTO-voorzitter Ger Koopmans: “waarvan volstrekt onduidelijk is hoe ze aansluiten en optellen tot de doelen die gehaald moeten worden.”
Tegelijkertijd worden in het pakket ook de eerste goede stappen gezet om tot beter werkbaar beleid te komen: “Het uit de wet halen van de kritische depositiewaarde (KDW), het invoeren van een rekenkundige ondergrens en het (gefaseerd) loskomen van vergunningverlening zijn belangrijke randvoorwaarden om uit de stikstofcrisis te komen. Het kabinet stelt dat provinciale handhavings- en intrekkingsverzoeken voor PAS-melders met dit pakket kunnen worden voorkomen. Positief is ook dat het kabinet de feitelijke staat van de natuur beter wil meten, en aan terreinbeherende organisaties resultaatverplichtingen voor natuurherstel op gaat leggen.”
Met die constatering reageert LTO-voorzitter Ger Koopmans op de vandaag gepresenteerde plannen van de ministeriële Taskforce Landbouw, Stikstof & Natuur: “De landbouw wil bijdragen aan een forse reductie van de stikstofuitstoot. Maar om die stappen te kunnen zetten, móet de vergunningverlening loskomen. Emissiereductie en vergunningverlening moeten hand in hand gaan. Want hoe kan een ondernemer zijn bedrijf verduurzamen als hij daar niet in kan investeren? De Kamerbrief maakt niet duidelijk wanneer vergunningverlening daadwerkelijk vrijkomt. Terwijl de doelen voor 2035 vaststaan, – en de sector daaraan gehouden wordt. Het kabinet kiest ervoor de rekenkundige ondergrens pas eind volgend jaar in te voeren, en omkleed dat met beheersmaatregelen waarvan onduidelijk is wat ze voor de landbouw betekenen. Het tempo van de vergunningverlening moet omhoog, er moet nog veel onduidelijkheid worden weggenomen en een aantal voorstellen moet echt worden ingetrokken en veranderd.”
Niemand is gehouden aan het onmogelijke
“Als je tegen boeren zegt dat ze stappen moeten zetten, dan moeten ze die stappen ook kunnen zetten”, vervolgt Koopmans: “Boeren staan klaar om te investeren in emissie-reducerende maatregelen. In bewezen innovaties, in stalaanpassingen en in managementmaatregelen. Maar zij kunnen niet verantwoordelijk worden gehouden om 100% van de doelen te halen als zij daarvoor maar 50% van de middelen tot hun beschikking hebben. Die disbalans moet zo snel mogelijk worden opgelost. Niemand is gehouden aan het onmogelijke.”
Provincies aan zet
Een deel van het vandaag aangekondigde beleid zal met Rijksinstructieregels bij de provincies worden gelegd, en daar verder uitgewerkt worden. Daarmee krijgen provincies een zware (mede)verantwoordelijkheid voor cruciale zaken zoals de invulling van zonering rondom stikstofgevoelige natuurgebieden. Rondom 100 natuurgebieden worden zones ingevoerd waar extra emissiereductie gerealiseerd moet worden. Samen met provincies, gemeenten, waterschappen en NAJK riepen we het Rijk op om te kiezen voor zones van 250 meter. We roepen de provincies dan ook op om dit beleid gezamenlijk met agrariërs vorm te geven, en gezamenlijk te zoeken naar een alternatieve invulling als de doelen daarmee ook worden gehaald. Voor veel agrariërs in deze zones zal vergaande extensivering de enige realistische optie zijn, terwijl onduidelijk is op wat voor verdienmodel die bedrijven kunnen bouwen. Nergens in de brief gaat de minister in op het toekomstige verdienvermogen en verdienmodel van boeren en tuinders.
Koopmans: “Positief is dat partijen in deze zones óók de mogelijkheid krijgen om de doelen via een provinciaal gebiedsproces te realiseren. Dan kunnen overheden, agrariërs en andere grondeigenaren gezamenlijk puzzels leggen waarin, op basis van de WILG-systematiek, de rechtszekerheid en het inkomen van alle betrokkenen geborgd is. En waarbij het hele ‘trappetje van Remkes’ op tafel ligt.”
PAS-melders
Voor het legaliseren van de PAS-melders verwijst het kabinet naar het Programma maatwerkaanpak PAS-melders waarvan we weten dat het lang niet alle PAS-melders een garantie op legalisatie biedt. En voor de Interimmers wordt een ‘verkenning’ aangekondigd. Koopmans: “Dat is absoluut onvoldoende. De stikstofaanpak moet op zo’n manier worden uitgewerkt dat PAS-melders en Interimmers wél een garantie op legalisatie krijgen. Juist voor hen biedt invoering van een rekenkundige ondergrens een oplossing. Cruciaal is het invoeren van een hedendaags referentiemoment om veilig te stellen dat PAS-melder en Interimmers in een definitief gelegaliseerde situatie kunnen komen.”
Grondgebondenheid
Het doel van grondgebondenheid is het verbeteren van de waterkwaliteit. De introductie van een eenvoudige norm van 2,6 GVE voor iedereen, zonder de optie om waterkwaliteitsdoelen te realiseren via doelsturing, is strijdig met wat de coalitie in haar eigen regeerakkoord heeft opgenomen. Op deze manier gaat de maatregel weinig bijdragen aan waterkwaliteitsverbetering. Sterker nog: het zal kostprijsverhogend werken, en daarmee druk zetten op de investeringsmogelijkheden om daadwerkelijk te investeren in ammoniakreductie. Koopmans: “Het is onbegrijpelijk dat doelsturing geen onderdeel uitmaakt van grondgebondenheid. Dat moet echt anders.”
Vervolg
In de Kamerbrief schrijft de minister dat veel zaken nog verder ingevuld moeten worden en dat de voorgestelde koers niet overal definitief is. Die uitwerking wordt bepalend voor het succes van de aanpak. Koopmans: “Het voorgestelde beleid en veel van de voorgestelde maatregelen zullen diep ingrijpen in de bedrijfsvoering van agrariërs. Als je van boeren en tuinders vraagt om zulke grote stappen te zetten, dan heb je de plicht om hun daar ook duidelijkheid en handelingsperspectief over te geven. Ik roep het kabinet, de Tweede Kamer en de provincies op om zo snel mogelijk vanaf de zomer, samen met agrarische partijen, het hele pakket te verbeteren en te concretiseren op zo’n manier dat boeren en tuinders daarmee uit de voeten kunnen. Dat maatregelen duidelijk, haalbaar en realistisch zijn. Dat de daadwerkelijke vergunningverlening versneld wordt. En dat boeren ook kunnen leveren wat er van hen gevraagd wordt. Wij zijn bereid daaraan een bijdrage te leveren. Maar dan moet er bij overheden de bereidheid zijn om het beleid zo aan te passen dat boerengezinnen vergunningen krijgen, kunnen verduurzamen en een goed inkomen kunnen verdienen.”
Vanaf aanstaande maandag gaan LTO-voorzitter Ger Koopmans en de bestuursleden van LTO Nederland op een regiotour door het land om met LTO-leden in gesprek te gaan over het stikstofpakket. De uitkomsten van deze gesprekken brengen we onder de aandacht van de Tweede Kamer vooruitlopend op het Kamerdebat over het stikstofpakket.
De vakgroep verwelkomt 2 nieuwe bestuursleden: Anita de Keijzer en Jorine von Martels-Cosse
De nieuwe voorzitter van de vakgroep Geitenhouderij stelt zich voor
Het belang van belangenbehartiging bij het Convenant Gewasbescherming: zichtbaar blijven, praktijkkennis inbrengen en werkbare regels realiseren.
Staatssecretaris Erkens van LVVN heeft de Tweede Kamer een brief gestuurd over de contouren voor de Meerjarige Agrifood Innovatieagenda met eerste schets om innovaties in het agrifood-domein versnellen.