<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0" xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/" xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom" xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/" xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/" >
    <channel>
        <title>
            Plant Archieven - LTO        </title>
        <atom:link href="https://www.lto.nl/feed/?sector=plant" rel="self" type="application/rss+xml" />
        <link>
        https://www.lto.nl/sector/plant/        </link>
        <description>
            Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland        </description>
        <lastBuildDate>
            Tue, 22 Sep 2026 10:50:35 +0000        </lastBuildDate>
        <language>
            nl
        </language>
        <sy:updatePeriod>
            hourly        </sy:updatePeriod>
        <sy:updateFrequency>
            1        </sy:updateFrequency>
        <generator>https://wordpress.org/?v=7.1.1</generator>

<image>
	<url>https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/03/cropped-favicon_2023-150x150.png</url>
	<title>Plant Archieven - LTO</title>
	<link>https://www.lto.nl/sector/plant/</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
                <item>
            <title>
                Absurde handhavingsverzoeken            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/absurde-handhavingsverzoeken/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 22 Sep 2026 09:47:16 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/absurde-handhavingsverzoeken/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[De laatste tijd krijgen veel ondernemers handhavingsverzoeken, vooral van provincies, maar ook van gemeenten. Het zijn enorm veel verzoeken en die raken alle sectoren. Ook onze sector Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/csm_ErikStuurbrink-500x500_18ead16aa4-300x300.jpg/>'<header>
<h1><span style="color: #333333; font-family: Georgia, 'Times New Roman', 'Bitstream Charter', Times, serif; font-size: 16px;">donderdag 17 september, 2026</span></h1>
</header>
<div class="teaser-text">
<p>De laatste tijd krijgen veel ondernemers handhavingsverzoeken, vooral van provincies, maar ook van gemeenten. Het zijn enorm veel verzoeken en die raken alle sectoren. Ook onze sector Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen.</p>
</div>
<div class="news-text-wrap">
<p>Op dit moment vind ik het lastig om te bepalen: wie is nu aan zet? Die verzoeken zijn er allemaal, maar wat moet je nu als ondernemer doen? Wat doe je als belangenorganisatie om je leden te helpen?</p>
<p>Provincies en gemeenten zijn wettelijk verplicht om te voldoen aan handhavingsverzoeken. De Algemene wet bestuursrecht is de wettelijke basis; juridisch gezien is een handhavingsverzoek een aanvraag tot het nemen van een besluit. Waar komen die verzoeken vandaan? Van allerlei ngo’s, niet-gouvernementele organisaties.</p>
<p>Handhavingsverzoeken zijn zeer makkelijk gevonden om een bepaalde rechtszekerheid te vinden die er toch niet gevonden kan worden. Dit alles frustreert de maatschappij, de provincie, de gemeente, alle land- en tuinbouwsectoren. Dit gaat de sectoren niet helpen, dit gaat heel Nederland niet helpen. Door al die verzoeken worden we ontmoedigd om verdere stappen te zetten in ons ondernemerschap; alles waaraan we werken ten behoeve van een gezonde omgeving. Zoals we nu werken aan het convenant Gewasbescherming, deelconvenanten per sector. Een essentieel onderdeel van het convenant is juist rechtszekerheid. En we hebben hiervoor landelijk beleid hard nodig.</p>
<p>Ik heb in onze sector handhavingsverzoeken gezien. Eén van de vragen die er bijvoorbeeld in staan, is: ‘Wat heeft u de afgelopen jaren gespoten?’ Of: ‘Wat denkt u de komende jaren te gaan spuiten?’ Maar het antwoord daarop is natuurlijk afhankelijk van de omstandigheden, van het seizoen, van bijvoorbeeld de ziekte-, plaag- en onkruiddruk. Andere vragen gaan over zaken als ‘Heeft u de juiste vergunningen?’, ‘Hoe lang zit u al op een perceel?’, ‘U pacht ergens grond, op welke manier gaat u hiermee om?</p>
<p>Ook provincies zijn zoekende: hoe gaan we om met al deze handhavingsverzoeken? Wat wordt landelijk beleid? En nog belangrijker: klopt dit allemaal juridisch wel? Stel dat provincies vandaag een besluit nemen, dan mag het niet zo zijn dat dit ten koste gaat van de rechtszekerheid die het convenant Gewasbescherming biedt.</p>
<p>Ik vind dit al met al een zorgelijke ontwikkeling. Als ondernemer sta je met de rug tegen de muur. Je hebt geen zekerheid over een correcte afhandeling van een verzoek, je wordt geconfronteerd met zaken waar je nooit eerder over hoefde na te denken. Het is absurd.</p>
<p>Wat is er nog over van het vrije ondernemerschap? Dat wordt op deze manier ondermijnd. Wat brengt dat voor de toekomst, wat is volgende waarvoor je aan de lat moet staan?</p>
<p><strong>Erik Stuurbrink</strong></p>
<p>Voorzitter LTO Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen</p>
</div>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                De Nieuwe Ploeg moet agri-innovatie sneller van idee naar praktijk brengen            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/de-nieuwe-ploeg-moet-agri-innovatie-sneller-van-idee-naar-praktijk-brengen/            </link>
            <pubDate>
                Fri, 18 Sep 2026 14:23:31 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/de-nieuwe-ploeg-moet-agri-innovatie-sneller-van-idee-naar-praktijk-brengen/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Tijdens Agrotechniek Holland is De Nieuwe Ploeg officieel van start gegaan. Deze samenwerking brengt ondernemers, bedrijfsleven, kennisinstellingen, belangenorganisaties...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/09/Robotisering-landbouw-300x149.jpg/>'<p><strong>Tijdens Agrotechniek Holland is De Nieuwe Ploeg officieel van start gegaan. Deze samenwerking brengt ondernemers, bedrijfsleven, kennisinstellingen, belangenorganisaties en overheid bij elkaar om de voorwaarden voor succesvolle agri-innovatie te verbeteren. LTO Nederland is een van de betrokken partners en zet zich in voor een land- en tuinbouw waarin innovaties daadwerkelijk toepasbaar, betaalbaar en opschaalbaar zijn in de praktijk.</strong></p>
<p>De Nieuwe Ploeg bouwt voort op het <em>Manifest Innovatie voor een toekomstbestendige land- en tuinbouw</em>, dat in 2025 werd ondertekend. Het manifest bracht knelpunten aan het licht die de toepassing van nieuwe technologieën in de sector belemmeren. Met de lancering van De Nieuwe Ploeg krijgt deze gezamenlijke oproep een praktisch vervolg.</p>
<p><strong>Innovatie moet ondernemers in de praktijk verder helpen<br />
</strong>Robotisering, digitalisering, kunstmatige intelligentie (AI), sensoren en datagedreven systemen bieden kansen om arbeid te ondersteunen, productieprocessen te verbeteren en de land- en tuinbouw toekomstbestendiger te maken. Voor boeren en tuinders is een technisch werkende innovatie echter niet voldoende. Ook regelgeving, financiering, verzekerbaarheid, kennis, scholing en aansluiting op de praktijk bepalen of een innovatie daadwerkelijk wordt toegepast.</p>
<p><strong>Acht werktafels brengen knelpunten en oplossingen bij elkaar<br />
</strong>De Nieuwe Ploeg werkt met acht thematische werktafels die na de ondertekening van het manifest in 2025 zijn opgericht. De tafels richten zich op: regelgeving toekomstbestendig maken, het stimuleren van investeringen<strong>, </strong>het verzekeren van innovatie, het investeer in mensen en scholing, het verbinden van innovatie met de praktijk<strong>, </strong>data en digitalisering<strong>, </strong>internationalisering en toekomstverkenning 2040</p>
<p>Binnen de werktafels worden concrete vragen uit de markt en de praktijk verbonden aan de partijen die over de benodigde kennis, invloed en instrumenten beschikken. Zo wordt inzichtelijker waar knelpunten thuishoren, welke organisaties nodig zijn en welke vervolgstappen mogelijk zijn.</p>
<p>Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) ondersteunt de beweging om innovatie en robotisering sneller in de praktijk toe te passen.</p>
<p><strong> </strong><strong>Van verzekerbaarheid tot landelijke robotisering<br />
</strong>De werktafels gaan direct na de lancering aan de slag met concrete vraagstukken. Een voorbeeld is de Ronde Tafel die het Verbond van Verzekeraars later deze maand organiseert. Naar verwachting buigen ruim vijftig partijen zich over de verzekerbaarheid van innovaties.</p>
<p>Ook wordt gewerkt aan een uitgewerkt plan voor de RoboChallenge in 2027. Daarmee wordt ingezet op het verbreden van bestaande initiatieven en het mogelijk maken van landelijke uitrol.</p>
<p>Deze initiatieven laten zien dat innovatie niet alleen een technische opgave is. Om nieuwe toepassingen op grotere schaal in de sector te gebruiken, zijn samenwerking, heldere randvoorwaarden en aansluiting bij de dagelijkse praktijk van ondernemers noodzakelijk.</p>
<p><strong>Samenwerken aan een toekomstbestendige land- en tuinbouw<br />
</strong>Bij De Nieuwe Ploeg zijn organisaties uit de agrarische sector, technologie, kennis, onderwijs en overheid betrokken. Naast LTO Nederland zijn onder meer LVVN, FME, Groenpact, Glastuinbouw Nederland, Greenports Nederland, KAVB, NFO, Hortivation, Fedecom, GroentenFruit Huis, AVAG, Wageningen University &amp; Research (WUR), CUMELA, AI Coalitie 4 NL, NXTgen en Horizon Flevoland aangesloten. Food 2040 is betrokken bij het programma.</p>
<p>De samenwerking richt zich op het verbinden van bestaande netwerken, kennis en initiatieven. Door partijen eerder bij elkaar te brengen, moeten knelpunten sneller worden herkend en vervolgstappen concreter worden.</p>
<p><strong>Over De Nieuwe Ploeg<br />
</strong>De Nieuwe Ploeg is een partnergedragen, marktgerichte werkstructuur voor agri-innovatie in de hele sector. De samenwerking brengt marktpartijen, kennis, beleid, kapitaal en praktijk bij elkaar rond de voorwaarden die bepalen of innovaties daadwerkelijk verder komen richting toepassing en opschaling.</p>
<p>Via partners, werktafels en bestaande netwerken worden knelpunten rond onder meer toelating, financiering, verzekerbaarheid, data, scholing, praktijktesten en markttoegang verbonden aan partijen die daar beweging in kunnen brengen.</p>
<p>Het doel is om meer grip te krijgen op de route van idee naar markt en praktijk, met de juiste partijen eerder aan tafel en ruimte om waar mogelijk te versnellen.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Kamer dwingt belangrijke waarborgen af voor Natuurplan            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/kamer-dwingt-belangrijke-waarborgen-af-voor-natuurplan/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 17 Sep 2026 10:45:06 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/kamer-dwingt-belangrijke-waarborgen-af-voor-natuurplan/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[De inzet van LTO richting het commissiedebat over het Ontwerp-Natuurplan heeft resultaat gehad. Verschillende Kamerleden namen op 3 september aandachtspunten uit de inbreng van LTO over.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/03/landschap_drone-300x175.jpg/>'<p><strong>De inzet van LTO richting het commissiedebat over het Ontwerp-Natuurplan heeft resultaat gehad. Verschillende Kamerleden namen op 3 september aandachtspunten uit de inbreng van LTO over. Dit leidde tot belangrijke toezeggingen van de minister over de verdere uitwerking van het Natuurplan, de positie van de Tweede Kamer en de gevolgen voor boeren en tuinders.</strong></p>
<p><strong>Belangrijke toezeggingen in lijn met LTO inbreng<br />
</strong>De minister stuurt de Kamer in juni 2027 het definitieve Natuurplan voor een debat. Per artikel wordt verduidelijkt wat de Natuurherstelverordening van Nederland verlangt, zodat onderscheid kan worden gemaakt tussen Europese verplichtingen, bestaand beleid en aanvullende nationale keuzes.</p>
<p>Daarnaast komen er geen nationale koppen en wordt buiten Natura2000 geen nieuw vergunningenstelsel ingevoerd. Begin oktober meldt de minister hoe vijf PBL-aanbevelingen worden verwerkt. In het eerste kwartaal van 2027 volgt een statusbrief met kabinetsreflectie op de PBL-doorrekeningen.</p>
<p><strong>Waarom dit belangrijk is voor boeren<br />
</strong>De Natuurherstelverordening raakt naast natuurgebieden ook landbouwecosystemen, water, rivieren, bossen en bestuivers. De uitvoering kan gevolgen hebben voor landbouwgrond, waterbeheer, bedrijfsontwikkeling en vergunningverlening.</p>
<p>Het Ontwerp-Natuurplan bevat nog geen definitieve maatregelen, maar noemt wel beleidsrichtingen, indicatieve opgaven en zonering. Daarom moet worden voorkomen dat voorlopige keuzes in gebiedsprocessen, grondbeleid en ruimtelijke besluiten als vaststaand beleid worden gebruikt.</p>
<p>Ook moet worden geborgd dat doelen, kaarten of maatregelen in het Natuurplan niet automatisch leiden tot nieuwe vergunningplichten, zorgplichten of gebruiksbeperkingen.</p>
<p><strong>Bestaande prestaties en gebiedsspecifieke aanpak<br />
</strong>Bestaande agrarische natuurprestaties, zoals agrarisch natuurbeheer, eco-regelingen, landschapsbeheer, groenblauwe dooradering en weidevogelbeheer, moeten meetellen. Eerst moet worden vastgesteld wat deze inzet oplevert, voordat de resterende opgave wordt bepaald. Wanneer natuurbeheer een substantieel onderdeel van het bedrijf wordt, is een volwaardig en langjarig verdienmodel nodig dat ook arbeid, investeringen, productieverlies en risico vergoedt.</p>
<p>De precieze zonering rond natuurgebieden staat nog niet vast. Per gebied kunnen gelijkwaardige alternatieven mogelijk zijn. Daarom moet eerst worden vastgesteld welke drukfactoren het natuurherstel belemmeren, welke maatregel effectief is en wat de gevolgen zijn voor grondgebruik, inkomen, grondwaarde en bedrijfsontwikkeling.</p>
<p><strong>Nu het Natuurplan verbeteren<br />
</strong>De toezeggingen moeten herkenbaar terugkomen in het definitieve Natuurplan, de Uitvoeringswet en de onderliggende regelgeving. Per artikel moet duidelijk zijn wat Europa verplicht, wat bestaand beleid oplevert en welke aantoonbare restopgave resteert.</p>
<p>Maatregelen moeten gebaseerd zijn op gebiedsspecifieke analyses. De overheid moet noodzaak, effectiviteit, causaliteit en evenredigheid aantonen. Financiering, vergoeding en rechtsbescherming moeten geregeld zijn voordat beperkingen worden opgelegd.</p>
<p>Natuurherstel moet samengaan met voedselproductie, rechtszekerheid en toekomstperspectief voor boeren en tuinders.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Voorgestelde suikerbelasting van kabinet is onevenwichtig            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/voorgestelde-suikerbelasting-van-kabinet-is-onevenwichtig/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 17 Sep 2026 09:36:22 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/voorgestelde-suikerbelasting-van-kabinet-is-onevenwichtig/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[LTO Nederland heeft gereageerd op de internetconsultatie over de zogenoemde suikertaks. LTO onderschrijft het belang van een gezond en evenwichtig voedingspatroon.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2021/07/ibrahim-boran-r0zrjWheW2g-unsplash-300x200.jpg/>'<p><strong>LTO Nederland heeft gereageerd op <a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/09/Reactie-internetconsultatie-Suikerbelasting-definitief.pdf" target="_blank">de internetconsultatie over de zogenoemde suikertaks.</a> LTO onderschrijft het belang van een gezond en evenwichtig voedingspatroon. Daarbij ziet LTO een belangrijke rol voor goede en betaalbare producten van Nederlandse boeren en tuinders</strong>.</p>
<p>In de reactie van LTO Nederland staan drie voorwaarden centraal: het effect op de gezondheid, de gevolgen voor de primaire producenten en de uitvoerbaarheid. Deze voorwaarden moeten volgens LTO Nederland vooraf worden meegewogen. Het zijn niet alleen aandachtspunten voor de verdere uitwerking.</p>
<p><strong>Twee doelen, één middel<br />
</strong>De voorgestelde aanpak koppelt twee fiscale maatregelen aan het gezondheidsdoel. De bestaande verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken wordt budgetneutraal aangepast op basis van het suikergehalte. Daarnaast moet de nieuwe suikerbelasting op eetwaren vanaf 2030 structureel €900 miljoen per jaar opleveren. Daarmee zijn zowel gezondheidswinst als het behouden van belastingopbrengsten sturend. Volgens LTO Nederland kunnen deze twee doelen elkaar juist tegenwerken als mensen hun gedrag veranderen of als producten minder suiker gaan bevatten.</p>
<p>Als de maatregel vanuit gezondheidsperspectief succesvol is, kan dat namelijk betekenen dat de belasting minder opbrengt. Dat past niet bij het begrotingsdoel dat het kabinet heeft vastgesteld. Volgens LTO Nederland moet gezondheidswinst daarom leidend zijn. De belastingopbrengst moet een gevolg zijn van de maatregel en geen vooraf vastgesteld doel. Een vaste opbrengstdoelstelling kan bovendien druk geven om de belastinggrondslag later uit te breiden of de tarieven te verhogen.</p>
<p><strong>Uitzonderingen zijn belangrijk<br />
</strong>Het buiten de heffing houden van zuivelproducten en pure groente- en fruitsappen is voor LTO Nederland een belangrijke voorwaarde voor de invoering van de suikertaks. Ook verse, gekoelde en ingevroren groente en fruit zonder toevoegingen moeten volgens LTO Nederland buiten de heffing blijven.</p>
<p><strong>Belastingopbrengsten inzetten voor gezonde keuzes<br />
</strong>LTO Nederland vindt daarnaast dat eventuele opbrengsten van een suikerbelasting moeten worden ingezet voor maatregelen die producten die passen binnen een gezond voedingspatroon beschikbaar en betaalbaar houden.</p>
<p>Dit kan bijvoorbeeld door de belasting op verse groente en fruit te verlagen. Als dit juridisch of uitvoeringstechnisch niet mogelijk is, kan volgens LTO Nederland een ander instrument worden gebruikt dat zorgt voor een vergelijkbare prijsverlaging.</p>
<p>Het is moeilijk uit te leggen dat de overheid bepaalde keuzes duurder maakt, maar gezonde keuzes niet tegelijkertijd beter bereikbaar maakt. Zonder zo’n tegenhanger blijft een verhoging van de belasting op consumptie over die wordt gepresenteerd als een gezondheidsmaatregel.</p>
<p><strong>Suiker als grondstof is niet op zichzelf ongezond<br />
</strong>Aan suiker als agrarische grondstof komt volgens LTO Nederland geen zelfstandig gezondheidsoordeel toe. De gezondheidseffecten hangen samen met de samenstelling van een product, de hoeveelheid die wordt gegeten of gedronken en de plaats van het eindproduct binnen het totale voedingspatroon.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Convenant Gewasbescherming: nieuwsbericht # 5 (14-09-2026)            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/convenant-gewasbescherming-nieuwsbericht-5-14-09-2026/            </link>
            <pubDate>
                Mon, 14 Sep 2026 18:53:49 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/convenant-gewasbescherming-nieuwsbericht-5-14-09-2026/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Via frequente nieuwsberichten informeren we onze achterban over de voortgang van het Convenant Gewasbescherming. In Utrecht startte vorige week de volgende fase van het traject: de uitwerking van sectorale deelconvenanten.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/03/Veldspuit-300x200.jpg/>'<p><strong>Via frequente nieuwsberichten informeren we onze achterban over de voortgang van het Convenant Gewasbescherming. In juli ondertekenden NAJK, BO Akkerbouw, Greenports Nederland en LTO Nederland, mede namens sectororganisaties KAVB, NFO, Biohuis en Glastuinbouw Nederland, <a href="https://www.lto.nl/plantaardige-sectoren-ondertekenen-hoofdlijnen-convenant-gewasbescherming/">het hoofdlijnen Convenant Gewasbescherming</a>. Vorige week ondertekenden ook de gezamenlijke provincies via het IPO dit hoofdlijnen Convenant. In Utrecht startte vorige week de volgende fase van het traject: de uitwerking van sectorale deelconvenanten.</p>
<p></strong><strong>Provincies ondertekenen hoofdlijnen<br />
</strong>Het Interprovinciaal Overleg (IPO) ondertekende afgelopen donderdag de hoofdlijnen van het convenant Toekomstbestendige Gewasbescherming. Eerder, op 14 juli, <a href="https://www.lto.nl/plantaardige-sectoren-ondertekenen-hoofdlijnen-convenant-gewasbescherming/">tekenden acht organisaties al</a> (LVVN, VNG, Unie van Waterschappen, BO Akkerbouw, Greenports Nederland, LTO Nederland, NAJK en CBL). IPO deed mee aan het opstellen van de hoofdlijnen, maar moest vanwege interne besluitvorming de ondertekening uitstellen tot september. Op een later moment kunnen ook andere relevante partijen toetreden tot het convenant. Dit vereist ondertekening van de hoofdlijnen en overeenstemming van de gezamenlijke partijen.</p>
<p><strong>Traject gaat volgende fase in<br />
</strong>Woensdag 9 september startte de tweede fase van het traject voor het Convenant Gewasbescherming. De komende maanden zullen thema&#8217;s concreter worden uitgewerkt en begint het opstellen van sectorale deelconvenanten.</p>
<p>Met een breed gezelschap nam procesvoorzitter Gert-Jan Segers in een Utrechtse vergaderlocatie de marsroute door. Aan de kerntafel bespraken vertegenwoordigers van Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen, waterwinbedrijven, plantaardige sectoren en ketenpartners de benodigde inzet.</p>
<p>De algemene thema&#8217;s omvatten onder andere wettelijke kaders voor Natura2000, Waterkwaliteit en Leefomgeving. Daarnaast volgen afspraken over (bovenwettelijke) reductiedoelen, de <a href="https://www.bo-akkerbouw.nl/nieuws/convenanten-gewasbescherming-nieuwsbericht-3" target="_blank" rel="nofollow">Autoriteit Gewasbescherming</a> krijgt verder vorm en inhoud, er wordt een kennis-, innovatie- en transitieprogramma ontwikkeld, er komt een aanscherping van toezicht, naleving en uitvoering en er worden afspraken met ketenpartners afgesloten. Die afspraken zullen vooral een plek krijgen in de sectorale deelconvenanten (bij iedere specifieke keten van plantaardige producten) en deels meer algemeen (voor bijvoorbeeld supermarkten).</p>
<p>De sectorale deelconvenanten worden uitgewerkt voor de sectoren Akkerbouw, Vollegrondsgroente, Bomen, Vaste planten &amp; Zomerbloemen, Fruitteelt, Bloembollen, Glastuinbouw en Biologisch. Voor elk thema of sector levert een ‘trekker’ binnen enkele weken een plan van aanpak op ter vaststelling door de kerntafel, eind van deze maand. Het plan van aanpak beschrijft de te volgen procedure, welke organisaties worden betrokken en het geeft inzicht in het beoogde eindresultaat. Het deelconvenant zal onder meer beschrijven welke reductie van de milieu-impact de sector verwacht te kunnen realiseren en welke instrumenten vereist zijn om dat nodig te maken. Denk aan introductie van rassen met verbeterde resistentie, toelating van groene middelen, gebruik van precisietechnieken en (geld voor) onderzoek.</p>
<p>De optelsom van sectorale doelen zal leiden tot het landelijke doel voor reductie van de milieu-impact, voor de jaren 2030, 2035 en 2040. De referentiejaren en exacte uitwerking van de indicator worden ook dit najaar bepaald</p>
<p>Wil je eerdere nieuwsberichten teruglezen? Zie het overzicht:</p>
<ul>
<li><a href="https://www.lto.nl/convenant-gewasbescherming-nieuwsbericht-1-26-05-2026/">#Nieuwsbericht 1</a></li>
<li><a href="https://www.lto.nl/convenant-gewasbescherming-nieuwsbericht-2-10-06-2026/">#Nieuwsbericht 2</a></li>
<li><a href="https://www.lto.nl/convenant-gewasbescherming-nieuwsbericht-3-22-06-2026/">#Nieuwsbericht 3</a></li>
<li><a href="https://www.lto.nl/convenant-gewasbescherming-nieuwsbericht-4-07-07-2026/">#Nieuwsbericht 4</a></li>
</ul>
<p>&nbsp;</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Maximale capaciteit Nmin-meetcampagne 2026 bereikt            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/maximale-capaciteit-nmin-meetcampagne-2026-bereikt/            </link>
            <pubDate>
                Mon, 14 Sep 2026 12:02:18 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/maximale-capaciteit-nmin-meetcampagne-2026-bereikt/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Het aantal aanmeldingen voor de Nmin-meetcampagne, die op 1 september van start ging, heeft de verwachtingen ruimschoots overtroffen...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/09/nminmeting-Identiteit-300x160.jpg/>'<p><strong>Het aantal aanmeldingen voor de Nmin-meetcampagne, die op 1 september van start ging, heeft de verwachtingen ruimschoots overtroffen. Op donderdag 10 september is de maximale capaciteit voor monstername bereikt. Agrariërs kunnen zich dus niet meer aanmelden. In slechts tien dagen tijd hebben deelnemers in totaal 12.680 percelen aangemeld voor de Nmin-meetcampagne.</strong></p>
<p><strong>Hoe gaat het nu verder?<br />
</strong>Na de oogst, in de periode van 15 oktober tot en met 30 november, worden de monsters genomen volgens een vastgesteld meetprotocol. De resultaten verschijnen vervolgens automatisch in de Nmin-tool, die is te vinden op de website <a href="http://www.nminmeting.nl/" target="_blank" rel="nofollow">www.Nminmeting.nl</a>. De resultaten zijn alleen zichtbaar voor de deelnemers zelf. Alleen met hun toestemming worden gegevens gedeeld met bijvoorbeeld teeltadviseurs of met projecten waaraan zij deelnemen. De geanonimiseerde gegevens worden gebruikt voor een analyse op landelijk niveau, uitgesplitst naar gewassen en grondsoorten.</p>
<p><strong>Uitgebreide Q&amp;A beschikbaar<br />
</strong>Op de website is een <a href="https://framerusercontent.com/assets/kQooL5KegJj2rYU1ebtwoFvW0Fo.pdf" target="_blank" rel="nofollow">uitgebreid overzicht</a> van veel gestelde vragen en antwoorden beschikbaar met relevante informatie voor deelnemers die meedoen aan de metingen en voor andere geïnteresseerden.</p>
<p><em>Nmin-meetcampagne is een initiatief van LTO Nederland, BO Akkerbouw en NAJK. De metingen worden gefinancierd door het ministerie van LVVN.</em></p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Bijmengverplichting moet leiden tot méér Nederlands groen gas            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/bijmengverplichting-moet-leiden-tot-meer-nederlands-groen-gas/            </link>
            <pubDate>
                Mon, 14 Sep 2026 11:40:37 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/bijmengverplichting-moet-leiden-tot-meer-nederlands-groen-gas/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Tijdens het wetgevingsoverleg van afgelopen 7 september over de Bijmengverplichting Groen Gas (BMV) stelden meerdere Kamerfracties vragen over de effectiviteit van het wetsvoorstel.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/03/landschap_drone-300x175.jpg/>'<p><strong>Tijdens het wetgevingsoverleg van afgelopen 7 september over de Bijmengverplichting Groen Gas (BMV) stelden meerdere Kamerfracties vragen over de effectiviteit van het wetsvoorstel. Volgens LTO Nederland zijn die vragen terecht.</strong></p>
<p>LTO ondersteunt de ambitie om meer groen gas in Nederland te produceren. Groen gas uit mest draagt bij aan de verduurzaming van de energievoorziening, helpt de methaanuitstoot te verminderen en biedt kansen voor agrarische ondernemers. Maar de voorgestelde bijmengverplichting leidt niet automatisch tot meer Nederlandse productie.</p>
<p>De vraag is daarom niet óf er meer groen gas moet komen, maar hoe we ervoor zorgen dat dit gas ook daadwerkelijk in Nederland wordt geproduceerd. Als huishoudens en ondernemers via hun energierekening voor de BMV betalen, moet daar aantoonbaar nieuwe Nederlandse productie tegenover staan. Op dit moment lopen nieuwe projecten vast op langdurige vergunningprocedures, beperkte netcapaciteit en weerstand tegen projecten op lokaal niveau. Vergunningen houden bovendien niet altijd stand bij de rechter. Door deze knelpunten blijft de ontwikkeling van nieuwe productiecapaciteit achter.</p>
<p>Zonder aanvullende maatregelen dreigt de BMV vooral de vraag naar (buitenlands) groen gas en certificaten te vergroten. De verplichting kan dan worden ingevuld met productie die al bestaat of met certificaten, zonder dat er voldoende nieuwe Nederlandse productiecapaciteit bijkomt. Daarmee stijgt de rekening voor huishoudens en ondernemers, terwijl onzeker blijft wat Nederland daarvoor terugkrijgt. De discussie moet daarom niet alleen gaan over de omvang van de verplichting, maar vooral over de maatschappelijke opbrengst ervan. Iedere euro die huishoudens en ondernemers via hun energierekening bijdragen, moet zoveel mogelijk leiden tot nieuwe productie van groen gas in Nederland.</p>
<p>Op 21 september debatteert de Tweede Kamer verder over het wetsvoorstel. LTO roept het kabinet en de Tweede Kamer op het wetsvoorstel gericht aan te passen. De invoering van de BMV moet gelijk opgaan met concrete oplossingen voor vergunningverlening, netcapaciteit en projectontwikkeling. Ook moet beter worden geborgd dat de verplichting daadwerkelijk nieuwe Nederlandse productie stimuleert. Alleen dan levert de BMV maximale maatschappelijke waarde op voor Nederland.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Vertrouwen van boeren en tuinders daalt onder nulpunt            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/vertrouwen-van-boeren-en-tuinders-daalt-onder-nulpunt/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 08 Sep 2026 13:17:48 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/vertrouwen-van-boeren-en-tuinders-daalt-onder-nulpunt/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Het vertrouwen van boeren en tuinders in hun eigen onderneming is in het tweede kwartaal van 2026 verder afgenomen. De Agro Vertrouwensindex daalde met 5 punten ten opzichte van het...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/12/16b5783-1920x1280_72-560x400-1-300x214.webp/>'<p><strong>Het vertrouwen van boeren en tuinders in hun eigen onderneming is in het tweede kwartaal van 2026 verder afgenomen. De Agro Vertrouwensindex daalde met 5 punten ten opzichte van het eerste kwartaal en komt uit op -0,5 punten. Daarmee staat de index op het laagste niveau sinds het eerste kwartaal van 2020.</strong></p>
<p>De daling is zichtbaar in zowel de stemming over de huidige situatie als in de verwachtingen voor de middellange termijn. Vooral die verwachtingen zijn sterk verslechterd: de verwachtingsindex daalde met 6,9 punten, terwijl de stemmingsindex met 2,6 punten afnam.</p>
<p><strong>Droogte raakt akkerbouw<br />
</strong>Onder akkerbouwers blijft het vertrouwen laag. De index voor het vertrouwen in het eigen bedrijf daalde met 0,5 punt naar -4,3. Dat is aanzienlijk lager dan het langjarige gemiddelde van ruim 7 punten. De droogte speelt daarbij een belangrijke rol. Het seizoen begon volgens Wageningen Social &amp; Economic Research goed, maar vanaf het tweede kwartaal kreeg de sector nadrukkelijk met droogte te maken. Tegelijkertijd zijn contractprijzen voor consumptie- en zetmeelaardappelen naar beneden bijgesteld en was de toewijzing van suikerbieten al verlaagd.</p>
<p>Ook voor de middellange termijn zijn akkerbouwers pessimistisch. Een mogelijk krimpend Europees aardappelareaal biedt enig perspectief voor de aardappelmarkt, maar daar staat tegenover dat Nederlandse akkerbouwers minder hoog salderende gewassen kunnen telen. Het areaal granen, hennep, vlas en kool- en raapzaad neemt daardoor toe. Daarnaast zorgen dossiers als stikstof en gewasbescherming voor extra onzekerheid.</p>
<p><strong>Vertrouwen melkveehouders sterk gedaald<br />
</strong>Ook onder melkveehouders is het vertrouwen fors afgenomen. De index daalde in het tweede kwartaal met 11,2 punten naar -4,3. Daarmee staat het vertrouwen voor het vierde kwartaal op rij onder het langjarige gemiddelde.</p>
<p>De lagere melkprijs is een belangrijke oorzaak van de daling. Volgens Wageningen Social &amp; Economic Research lag de melkprijs in het tweede kwartaal ruim een kwart lager dan een jaar eerder. Dit komt met name door een <strong>grotere wereldwijde melkaanvoer. </strong>Daarnaast nemen de kosten voor mestafzet toe, er moet namelijk meer mest worden afgezet, waardoor de totale kosten oplopen en door aanhoudende droogte dreigt een tekort aan ruwvoer. De aankoop van schaarser en daardoor duurder ruwvoer zet de bedrijfsresultaten verder onder druk. Ook oplopende brandstofkosten en hoge grondprijzen spelen een rol.</p>
<p><strong>Biologische sector houdt hoogste vertrouwen<br />
</strong>Het vertrouwen van ondernemers in de biologische sector daalde eveneens, met 10,4 punten naar 15,5 punten. Ondanks deze daling blijft de biologische sector de sector met het hoogste vertrouwen in de eigen onderneming. Ook hier lijkt de droogte invloed te hebben gehad, onder meer op de verwachtingen voor de productie in de komende twaalf maanden.</p>
<p><strong>Zorgen over toekomstperspectief<br />
</strong>De cijfers laten volgens LTO zien dat boeren en tuinders onder toenemende druk staan. Droogte, veranderende marktprijzen, oplopende kosten en onzekerheid over het toekomstperspectief werken door in het vertrouwen van ondernemers. LTO Nederland vindt dat boeren en tuinders perspectief geboden moet worden om te investeren in hun bedrijf en toekomstbestendig te ondernemen. Een stabiel en voorspelbaar beleid, ruimte om te ondernemen en een gelijk speelveld binnen Europa zijn daarvoor essentieel.</p>
<p>Meer uitkomsten van de Agro Vertrouwensindex over het tweede kwartaal van 2026 zijn te vinden via <a href="https://www.agrimatie.nl?utm_source=chatgpt.com" target="_blank" rel="nofollow">Agrimatie</a>.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Boeren en tuinders nog lang niet klaar met gevolgen van droogte en hitte            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/boeren-en-tuinders-nog-lang-niet-klaar-met-gevolgen-van-droogte-en-hitte/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 08 Sep 2026 11:22:54 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/boeren-en-tuinders-nog-lang-niet-klaar-met-gevolgen-van-droogte-en-hitte/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Hoewel er inmiddels weer regen valt, zijn boeren en tuinders nog lang niet af van de gevolgen van de aanhoudende droogte en hitte. Voor verschillende teelten zijn de productieverliezen aanzienlijk.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2019/09/Water-en-Bodem-Kraan-Water-Druppels-Droogte-1-199x300.jpg/>'<p><strong>Hoewel er inmiddels weer regen valt, zijn boeren en tuinders nog lang niet af van de gevolgen van de aanhoudende droogte en hitte. Voor verschillende teelten zijn de productieverliezen aanzienlijk. Daar komen de sterk gestegen kosten voor energie en kunstmest nog bij. Ook de internationale ontwikkelingen drukken zwaar op de agrarische sector.</strong></p>
<p>Voor veehouders verslechtert de ruwvoerpositie. Tegelijkertijd lopen de prijzen van graan, oliezaden en maïs op. De oorlog in Oekraïne versterkt deze ontwikkeling. Door de beperkte toegankelijkheid van de Zwarte Zee voor de scheepvaart en de vernietiging van opslag- en distributiefaciliteiten door bombardementen staat de aanvoer verder onder druk. In de regio Kyiv en langs de frontlinie zou naar schatting 80 tot 90 procent van de opslagfaciliteiten zijn beschadigd of vernietigd.</p>
<p><strong>Beperkte Europese steun</strong><br />
De Europese Commissie heeft het GLB-crisisfonds iets uitgebreid om boeren tegemoet te komen in de gestegen kosten. Nederland ontvangt uit dit fonds bijna 15 miljoen euro. Lidstaten moeten uiterlijk 30 september aan Brussel melden hoe zij deze middelen willen inzetten. Daarbij bestaat de mogelijkheid om de Europese bijdrage met maximaal 200 procent aan te vullen met nationale middelen. LTO Nederland is benieuwd met welke invulling het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) komt. Tegelijkertijd is duidelijk dat de Europese bijdrage voor veel boeren slechts een druppel op de gloeiende plaat zal zijn. Of hogere marktprijzen voldoende compensatie bieden voor tegenvallende opbrengsten, moet nog blijken. Agrariërs kunnen bovendien niet altijd profiteren van hogere prijzen, bijvoorbeeld omdat zij gebonden zijn aan contracten of specifieke kwaliteitseisen.</p>
<p><strong>Verschillen tussen lidstaten</strong><br />
Andere Europese lidstaten trekken aanzienlijk meer geld uit om hun agrarische sector te ondersteunen.<br />
Frankrijk kondigde op vrijdag 4 september een steunpakket aan van ruim 1 miljard euro. Oostenrijk maakt 240 miljoen euro vrij. Deze steun zal waarschijnlijk worden vormgegeven als staatssteun, bovenop de middelen uit het GLB-crisisfonds.</p>
<p>LTO ziet dat de gevolgen van de droogte en hitte per regio sterk kunnen verschillen. Tegelijkertijd baart het verschil in steunmaatregelen tussen lidstaten zorgen. Een gelijk speelveld op de interne Europese markt is van groot belang voor de concurrentiepositie van Nederlandse boeren en tuinders.<br />
LTO blijft de ontwikkelingen en de gevolgen van droogte, hitte en de internationale marktsituatie nauwlettend volgen. Waar nodig zal LTO in Den Haag en Brussel aandacht blijven vragen voor passende ondersteuning en een gelijk speelveld voor Nederlandse boeren en tuinders.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Wijziging BOR &#038; DSR erkent belang vruchtwisseling, maar in de praktijk onwerkbaar            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/wijziging-bor-dsr-erkent-belang-vruchtwisseling-maar-in-de-praktijk-onwerkbaar/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 08 Sep 2026 08:19:40 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/wijziging-bor-dsr-erkent-belang-vruchtwisseling-maar-in-de-praktijk-onwerkbaar/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[LTO Nederland, VLB en NAJK hebben gezamenlijk gereageerd op de voorgestelde wijziging van de Bor &DSR. Deze wijziging is het resultaat van een jarenlange lobby...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/01/noord-holland-143-300x225.jpg/>'<p><strong>LTO Nederland, VLB en NAJK hebben <a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/09/Reactie-internetconsultatie-Fiscale-Verzamelwet-2028-definitief.pdf" target="_blank">gezamenlijk gereageerd</a> op de voorgestelde wijziging van de Bor &amp;DSR. Deze wijziging is het resultaat van een jarenlange lobby en een stap in de goede richting. Tegelijkertijd is de eis van noodzakelijke vruchtwisseling in de uitgaande pacht een overbodige eis die in de praktijk grote belemmeringen gaat vormen. De partijen geven in hun reactie aan dat het van belang is dat de noodzakelijkheidstoets wordt losgelaten, als ook enkele andere technische aanpassingen. </strong></p>
<p>De voorgestelde wijziging erkent het belang van vruchtwisseling. Het is het resultaat van een lange lobby waarin LTO, VLB en NAJK meermaals hebben benadrukt dat vruchtwisseling en de bijbehorende tijdelijke uitruil grote maatschappelijke en agrarische waarde heeft, zoals het behoud en de verbetering van bodemkwaliteit en reductie van gewasbeschermingsmiddelengebruik. Bovendien is het onwenselijk dat boeren en tuinders hierbij het risico op een fiscale rekening dragen.</p>
<p>Boeren en tuinders ruilen, in het kader van vruchtwisseling, regelmatig tijdelijk gronden met elkaar uit. In het geval van een akkerbouwer en een melkveehouder, kan voor de verpachting van de melkveehouder aan de akkerbouwer een teeltpachtovereenkomst worden gesloten, maar de andere kant op niet. Hierdoor loopt de akkerbouwer het risico dat de verpachte gronden buiten de BOR en DSR-ab vallen. Een groot fiscaal risico voor een maatschappelijk gewenste werkwijze.</p>
<p><strong>Noodzakelijkheidstoets onnodig</strong><br />
In het wetsvoorstel is ervoor gekozen dat, indien een ondernemer land pacht via een teeltpachtovereenkomst, op dat moment een verpachting onder de BOR en DSR-ab kan blijven vallen, in een verhouding 1:2. In de ogen van LTO Nederland had het wetsvoorstel hier moeten eindigen. Echter, bevat het wetsvoorstel ook een noodzakelijkheidstoets voor de verpachting: er moet worden aangetoond dat de verpachting noodzakelijk is voor de instandhouding of verbetering van de grondkwaliteit van de verpachter.</p>
<p>Dit zorgt in de praktijk echter voor een onwerkbare situatie. Zo moet deze noodzakelijkheid onder andere aangetoond worden middels vakstudies. Echter wordt hiermee volledig overgeslagen aan het feit dat vruchtwisseling afhankelijk is van onder andere de grond, de ligging, de omstandigheden, het risico dat een ondernemer wilt lopen en eventuele private afspraken.</p>
<p>LTO Nederland, NAJK en VLB vragen dan ook om het loslaten van de noodzakelijkheidstoets. Daarnaast zijn in de reactie nog enkele andere technische opmerkingen opgenomen.</p>
<p><a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/09/Reactie-internetconsultatie-Fiscale-Verzamelwet-2028-definitief.pdf" target="_blank">Lees hier de volledige reactie op de internetconsultatie.</a></p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Betrek de land- en tuinbouw bij de investeringsagenda van het rapport-Wennink en de Talentstrategie            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/betrek-de-land-en-tuinbouw-bij-de-investeringsagenda-van-het-rapport-wennink-en-de-talentstrategie/            </link>
            <pubDate>
                Wed, 02 Sep 2026 18:31:44 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/betrek-de-land-en-tuinbouw-bij-de-investeringsagenda-van-het-rapport-wennink-en-de-talentstrategie/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Morgen debatteert de Tweede Kamer over het rapport-Wennink. LTO Nederland onderschrijft de centrale boodschap: Nederland moet investeren in innovatie, productiviteit en...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/09/Robotisering-landbouw-300x149.jpg/>'<p><strong>Morgen </strong><a href="https://www.tweedekamer.nl/debat_en_vergadering/plenaire_vergaderingen/details/activiteit?id=2026A02501" target="_blank" rel="nofollow"><strong>debatteert</strong></a><strong> de Tweede Kamer over het <a href="https://www.rapportwennink.nl/" target="_blank" rel="nofollow">rapport-Wennink</a>, een onafhankelijk adviesrapport uit december 2025 over hoe Nederland haar economische groei en welvaart op de lange termijn kan veiligstellen. LTO Nederland onderschrijft de centrale boodschap: Nederland moet investeren in innovatie, productiviteit en toekomstig verdienvermogen om welvaart en publieke voorzieningen veilig te stellen. De land- en tuinbouw kan en wil hieraan een belangrijke bijdrage leveren. </strong></p>
<p>Nederland behoort wereldwijd tot de kopgroep op het gebied van plantenveredeling, glastuinbouw, robotisering, precisielandbouw, biotechnologie en data gedreven productie. Het rapport-Wennink erkent deze positie deels. In de verdere uitwerking verdient de agrifoodsector echter een nadrukkelijke plek.</p>
<p><strong>Innovatieve land- en tuinbouw als onderdeel van de oplossing<br />
</strong>LTO constateert dat het rapport-Wennink de bijdrage van de land- en tuinbouw slechts beperkt weergeeft. Het rapport noemt de Wageningen Foodvalley-campus, maar er zijn veel meer voorbeelden die laten zien dat de land- en tuinbouw een voorloper is in innovatie. Juist op terreinen als plantenveredeling, glastuinbouw, voedseltechnologie, robotisering, precisielandbouw en biotechnologie behoort Nederland wereldwijd tot de kopgroep.</p>
<p>Dat blijkt ook uit de eigen cijfers van het rapport-Wennink. Alleen al binnen het domein life sciences en biotechnologie dienden partijen voor agrifood vier flagship-voorstellen in met een gezamenlijk investeringspotentieel van bijna € 11 miljard: Food2040 Talent en Infrastructuur (€ 4,62 miljard, met een verwacht additioneel verdienvermogen van € 90 tot € 110 miljard), Robotics en AI in land- en tuinbouw (€ 1,89 miljard), Biotechnologie voor veredeling van gewassen en fokkerij (€ 1,89 miljard) en Bio- en procestechnologie voor nieuwe ingrediënten (€ 2,58 miljard). De plannen liggen dus klaar. Wenninks eigen analyse laat bovendien zien dat niet financiering de grootste blokkade vormt, maar vooral regelgeving, vergunningverlening en testcapaciteit.</p>
<p><strong>Van plan naar praktijk: versnelling in toelating, financiering en regelgeving</strong><br />
De uitdaging ligt niet alleen in nieuwe investeringen, maar vooral in de toepassing van innovaties in de praktijk. Technologie moet sneller kunnen worden getest, toegelaten en opgeschaald. De <a href="https://open.overheid.nl/overheid/openbaarmakingen/api/v0/attachment/226cd0ac-ad55-4264-9665-011e376e209e" target="_blank" rel="nofollow">contourenbrief Agrifood Innovatieagenda</a> van staatssecretaris Erkens biedt hiervoor belangrijke aanknopingspunten, onder meer met een garantiefonds voor landbouwrobots en een nationale innovatieagenda. LTO roept de Kamer op erop toe te zien dat deze plannen snel worden omgezet in concrete instrumenten waarmee ondernemers kunnen investeren, testen en opschalen.</p>
<p><strong>Zonder mensen geen innovatie</strong><strong><br />
</strong>Innovatie vraagt ook om vakmensen. Naast softwareontwikkelaars en data-experts zijn monteurs, servicetechnici, operators en ondernemers nodig die nieuwe technologie ontwikkelen, toepassen en onderhouden. Investeringen in technologie en vaardigheden moeten daarom hand in hand gaan.</p>
<p><strong>Talentstrategie<br />
</strong>Het kabinet heeft in aansluiting op het rapport-Wennink de <a href="https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2026/07/10/kabinet-lanceert-talentstrategie-voor-toekomstige-welvaart" target="_blank" rel="nofollow">Talentstrategie</a> ontwikkeld vanuit de constatering dat de arbeidsmarkt structureel krap blijft. De land- en tuinbouw is niet als afzonderlijk domein of prioritaire sector opgenomen in de Talentstrategie. LTO pleit niet voor een aparte landbouwpijler binnen de Talentstrategie maar dat groene kennis en agrarisch vakmanschap worden erkend als een belangrijke randvoorwaarde voor veel van de maatschappelijke en economische opgaven waarvoor de strategie is ontwikkeld.</p>
<p><strong>Strategische autonomie begint bij voedsel<br />
</strong>Voedselzekerheid is een essentieel onderdeel van de strategische autonomie van Nederland en Europa. Met de combinatie van primaire productie, technologieontwikkeling, machinebouw, data, logistiek en kennisontwikkeling beschikt Nederland over een unieke agrifoodketen.</p>
<p>LTO roept de Kamer daarom op om de innovatieve kracht van agrifood en agritech volwaardig te betrekken bij de verdere uitwerking van de investeringsagenda van het rapport-Wennink en de Talentstrategie. Daarmee investeert Nederland in productiviteit, voedselzekerheid, strategische autonomie en brede welvaart.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Communicatie met waterschap is superbelangrijk            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/communicatie-met-waterschap-is-superbelangrijk/            </link>
            <pubDate>
                Wed, 02 Sep 2026 14:47:38 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/communicatie-met-waterschap-is-superbelangrijk/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[dinsdag 01 september, 2026 Ik heb het idee dat ondernemers in de boomkwekerij dit droge en hete seizoen redelijk zijn doorgekomen. Het is per gebied wel echt verschillend. Dit seizoen heeft ons geleerd dat communicatie met je waterschap superbelangrijk is. De communicatie is superbelangrijk omdat je moet weten welke maatregelen een waterschap moet treffen vanwege [&hellip;]]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/csm_ErikStuurbrink-500x500_18ead16aa4-300x300.jpg/>'<header>
<h1><span style="color: #333333; font-family: Georgia, 'Times New Roman', 'Bitstream Charter', Times, serif; font-size: 16px;">dinsdag 01 september, 2026</span></h1>
</header>
<div class="teaser-text">
<p><strong>Ik heb het idee dat ondernemers in de boomkwekerij dit droge en hete seizoen redelijk zijn doorgekomen. Het is per gebied wel echt verschillend. Dit seizoen heeft ons geleerd dat communicatie met je waterschap superbelangrijk is.</strong></p>
</div>
<div class="news-text-wrap">
<p>De communicatie is superbelangrijk omdat je moet weten welke maatregelen een waterschap moet treffen vanwege droogte. Zulke maatregelen kunnen pijn doen. Zoals onttrekkingsverboden oppervlaktewater. Een teler belde mij tijdens de droogte hierover op; hij mocht zijn planten niet meer met oppervlaktewater beregenen en vroeg wat LTO hieraan kon doen.</p>
<p>Ik snap dat het die teler pijn deed, maar water heeft tijdens droogte nu eenmaal allerlei prioriteiten: er gaat dan een waterverdeling in, wat heeft de hoogste prioriteit en wat heeft minder prioriteit? Officieel heet het de verdringingsreeks om schaars zoetwater eerlijk te verdelen. De land- en tuinbouw staat helaas niet bovenaan die reeks.</p>
<p>Als landelijke LTO of vakgroep kunnen we niets met maatregelen die een waterschap vanwege droogte moet nemen. Vaak worden namelijk regionale of plaatselijke maatregelen getroffen. Ieder gebied heeft zijn eigen uitdagingen; dat heeft bijvoorbeeld te maken met de grondsoort en de aanwezigheid van watervoerende sloten. Zo is er een groot verschil tussen het beheersgebied van Rivierenland waarin boomteeltregio Opheusden ligt, Rijnland met Boskoop en Brabantse Delta met Zundert.</p>
<p><strong>Essentieel onderdeel convenant Gewasbescherming<br />
</strong>LTO zit natuurlijk wel aan tafel met de Unie van Waterschappen, niet alleen ten tijde van droogte (of wateroverlast), maar ook betreft het verbeteren van waterkwaliteit als essentieel onderdeel van het convenant Gewasbescherming.</p>
<p>Je hebt wel een ondernemersrisico: wat als je je watermanagement tijdens droogte niet voor elkaar hebt? Als teler moet je er wel over hebben nagedacht. Hoe ga je ermee om? Hoe voorzie je je teelten dan van water? Hoe informeert het waterschap mij? Er zijn allerlei app-groepen en nieuwsbrieven van waterschappen waarmee je je kunt laten informeren. Zorg dat je betreft water regionaal bent georiënteerd en kennis deelt.</p>
<p><strong>Effect op plantmateriaal<br />
</strong>Vanwege de regen is het nu niet meer aan de orde, maar ik denk dat er door de droogte hier en daar toch wel gewasschade is. Als je bijvoorbeeld van zoetwater naar zoutwater gaat: bepaalde producten hebben daar een hekel aan. Als je visueel aantrekkelijke boomkwekerijproducten kweekt en de verzilting slaat toe: dan heeft dat helaas effect op het plantmateriaal.</p>
<p>De boomkwekerij is dit seizoen redelijk doorgekomen, maar wat ik het allerbelangrijkst vind: de investeringen die ondernemers de afgelopen jaren in druppelirrigatie en peilgestuurde drainage hebben gedaan, hebben zich nu wel uitbetaald. Dat heeft dit seizoen bevestigd: de manier waarop je waterbesparende maatregelen hebt getroffen, en ook watersturende maatregelen. Hierdoor heb je veel minder water nodig dan dat je gebruikt. Je pompt minder grondwater op en je kunt er een langere periode van profiteren.</p>
<p>Er zijn ook bedrijven die noodbassins hebben aangelegd, en deze met water uit tanks aangevuld dat van elders is gekomen. Op deze manier zijn je kosten wel gestegen, maar uiteindelijk staat je product nog wel. Dit seizoen is ook niet eenmalig. Droogteperioden zullen in de toekomst meer voorkomen. Denk erover na en bepaal je investering.</p>
<p><strong>Erik Stuurbrink</strong></p>
<p>Voorzitter LTO Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen</p>
</div>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
            </channel>
</rss>
