<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0" xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/" xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom" xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/" xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/" >
    <channel>
        <title>
            Persbericht &#8211; LTO        </title>
        <atom:link href="https://www.lto.nl/feed/?cat=persbericht" rel="self" type="application/rss+xml" />
        <link>
        https://www.lto.nl/bericht_type/persbericht/        </link>
        <description>
            Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland        </description>
        <lastBuildDate>
            Thu, 08 Oct 2026 12:48:58 +0000        </lastBuildDate>
        <language>
            nl
        </language>
        <sy:updatePeriod>
            hourly        </sy:updatePeriod>
        <sy:updateFrequency>
            1        </sy:updateFrequency>
        <generator>https://wordpress.org/?v=7.1.3</generator>

<image>
	<url>https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/03/cropped-favicon_2023-150x150.png</url>
	<title>Persbericht &#8211; LTO</title>
	<link>https://www.lto.nl/bericht_type/persbericht/</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
                <item>
            <title>
                Woningnood raakt ook de voedselproductie            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/woningnood-raakt-ook-de-voedselproductie/            </link>
            <pubDate>
                Wed, 07 Oct 2026 09:37:58 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/woningnood-raakt-ook-de-voedselproductie/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Agrarische Week van de Huisvesting laat zien hoe gemeenten en werkgevers samen oplossingen realiseren Nederland heeft internationale werknemers hard nodig om groenten, fruit, bloemen en planten te telen en oogsten, maar biedt onvoldoende ruimte om deze mensen fatsoenlijk te huisvesten. Uit een landelijke peiling onder werkgevers in de land- en tuinbouw blijkt dat 71 procent [&hellip;]]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/10/AgrarischeWeekvandeHuisvesting_zonderlogo-240x300.png/>'<h4><strong>Agrarische Week van de Huisvesting laat zien hoe gemeenten en werkgevers samen oplossingen realiseren</strong></h4>
<p>Nederland heeft internationale werknemers hard nodig om groenten, fruit, bloemen en planten te telen en oogsten, maar biedt onvoldoende ruimte om deze mensen fatsoenlijk te huisvesten. Uit een landelijke peiling onder werkgevers in de land- en tuinbouw blijkt dat 71 procent zijn medewerkers het liefst op of nabij het eigen bedrijf huisvest, terwijl de helft van de ondernemers aangeeft dat gemeenten hiervoor weinig tot geen ruimte bieden. Daarmee dreigt de vastgelopen woningmarkt ook een probleem te worden voor de Nederlandse voedselproductie.</p>
<p>Jaarlijks werken naar schatting tussen de 100.000 en 150.000 internationale werknemers in de Nederlandse land- en tuinbouw. Zij spelen een belangrijke rol bij het telen, verzorgen, oogsten en verwerken van producten die dagelijks op tafel komen of hun weg vinden naar consumenten in binnen- en buitenland.</p>
<p>Volgens de organiserende partijen raakt dit vraagstuk niet alleen individuele bedrijven. Helma Vermuë, bestuurder LTO Noord: “Deze mensen zijn onmisbaar voor onze voedselproductie. Dan moeten wij ondernemers ook faciliteren met goed beleid om huisvesting mogelijk te maken. Als werknemers geen goede plek hebben om te wonen, wordt het uiteindelijk ook moeilijker om voldoende mensen te vinden voor de oogst en de productie. Gemeenten die wél ruimte bieden, laten zien dat het kan.”</p>
<p><strong>Het kan wél<br />
</strong>Een van die voorbeelden is te vinden in West Betuwe. Fruitteler Erik van Haarlem investeerde in kwalitatieve huisvesting op zijn bedrijf voor tijdelijke medewerkers. Volgens hem is goede huisvesting een belangrijke reden waarom veel medewerkers jaarlijks terugkeren. Ongeveer 70 tot 80 procent van zijn Poolse medewerkers komt ieder jaar opnieuw naar zijn bedrijf. &#8220;Als ik ergens tijdelijk zou werken, zou ik ook op een nette en fijne plek willen verblijven.&#8221; De gemeente werkte samen met de ondernemer aan een oplossing die past binnen de lokale situatie. Daarmee laat West Betuwe zien hoe maatwerk, leefbaarheid en goed werkgeverschap hand in hand kunnen gaan.</p>
<p><strong>Op weg naar oplossingen: Agrarische week van de Huisvesting<br />
</strong>Deze en andere praktijkvoorbeelden staan centraal tijdens de Agrarische Week van de Huisvesting. Tijdens deze week delen gemeenten, werkgevers, huisvesters en experts kennis, ervaringen en succesvolle aanpakken. Het doel is om bestuurders, beleidsmakers en ondernemers te inspireren met oplossingen die bijdragen aan goede huisvesting, een leefbare omgeving én een toekomstbestendige land- en tuinbouw.</p>
<p>De Agrarische Week van de Huisvesting – van 5 tot en met 9 oktober 2026 &#8211; valt bewust samen met de Week van Ons Eten. Helma Vermuë: &#8220;Tijdens de Week van Ons Eten staan we stil bij de herkomst van ons voedsel. Achter dat voedsel staan ook de mensen die het telen, oogsten en verwerken. Goede huisvesting is daarom niet alleen een woonvraagstuk, maar ook een onderdeel van een sterke en toekomstbestendige voedselketen.&#8221;</p>
<p>De Agrarische Week van de Huisvesting is een initiatief van LTO Nederland, LTO Noord, ZLTO, LLTB, Greenports Nederland, NFO, KAVB en andere vaktechnische organisaties uit de sector. De initiatiefnemers roepen gemeenten, provincies, ondernemers en andere betrokkenen op om kennis te delen, van elkaar te leren en samen te werken aan meer kwalitatieve huisvesting voor internationale werknemers.</p>
<p>Meer weten? Kijk op <a href="https://www.werkgeverslijn.nl/agrarischeweekvandehuisvesting" target="_blank" rel="nofollow">www.werkgeverslijn.nl/agrarischeweekvandehuisvesting</a> voor het programma.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                LTO Nederland verwelkomt aanbevelingen SER Advies Van Aankomst naar Toekomst            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/lto-nederland-verwelkomt-aanbevelingen-ser-advies-van-aankomst-naar-toekomst/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 01 Oct 2026 13:53:48 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/lto-nederland-verwelkomt-aanbevelingen-ser-advies-van-aankomst-naar-toekomst/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Op woensdag 30 september, tijdens een werkbezoek aan bouwbedrijf Heijmans, heeft de SER het advies Van aankomst naar toekomst: Naar volwaardige arbeidsdeelname van nieuwkomers overhandigd aan minister Thierry Aartsen. Vaardigheden en ambities van asielzoekers, statushouders en Oekraïense ontheemden worden nog onvoldoende benut. De SER adviseert daarom om veel sneller in beeld te brengen wat iemand [&hellip;]]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/10/Rapport_SER-300x225.jpg/>'<p>Op woensdag 30 september, tijdens een werkbezoek aan bouwbedrijf Heijmans, heeft de SER het advies <a href="https://www.ser.nl/-/media/ser/downloads/adviezen/2026/advies-arbeidsdeelname-nieuwkomers.pdf" target="_blank" rel="nofollow">Van aankomst naar toekomst: Naar volwaardige arbeidsdeelname van nieuwkomers</a> overhandigd aan minister Thierry Aartsen.</p>
<p>Vaardigheden en ambities van asielzoekers, statushouders en Oekraïense ontheemden worden nog onvoldoende benut. De SER adviseert daarom om veel sneller in beeld te brengen wat iemand kan en wil. Door werk, scholing, taalontwikkeling en inburgering vanaf het begin beter met elkaar te verbinden, kunnen nieuwkomers sneller aan het werk en hun talenten beter benutten.</p>
<p>Om dit te bereiken doet de SER drie aanbevelingen. Ten eerste moeten werk en ontwikkeling leidend worden in het beleid. Nieuwkomers moeten al in een vroeg stadium ondersteuning krijgen bij taal, opleiding, werkervaring en begeleiding naar werk, zodat zij zich kunnen ontwikkelen en duurzaam kunnen deelnemen aan de arbeidsmarkt. Daarnaast roepen werkgevers- en werknemersorganisaties sectoren met personeelstekorten op om afspraken te maken over instroom, opleiding, begeleiding en doorgroei van nieuwkomers. Tot slot adviseert de SER om de samenwerking tussen sociale partners, gemeenten, onderwijsinstellingen, UWV en het Rijk verder te versterken.</p>
<p>LTO Nederland verwelkomt deze aanbevelingen. Het is belangrijk dat nieuwkomers sneller toegang krijgen tot de arbeidsmarkt en kansen krijgen om zich verder te ontwikkelen. Een goede begeleiding naar werk, gecombineerd met scholing en taalontwikkeling vergroot niet alleen de kansen van nieuwkomers op een duurzame arbeidsmarktpositie maar kan ook bijdragen aan het verminderen van de aanhoudende personeelstekorten in verschillende sectoren.</p>
<p>Minister Aartsen heeft het advies positief ontvangen. De aanbevelingen sluiten aan bij de ambitie van het kabinet om in 2030 75.000 extra statushouders en asielzoekers aan het werk te hebben. Daarbij zet het kabinet in op een betere combinatie van werk, scholing en inburgering en op afspraken met sectoren over banen en opleidingstrajecten.</p>
<p>Met dit advies zet de SER een belangrijke stap naar een arbeidsmarkt waarin talenten beter worden benut en nieuwkomers sneller perspectief krijgen op passend en duurzaam werk. LTO Nederland ziet het advies als een basis voor verdere samenwerking tussen overheid, sociale partners en sectoren om de arbeidsdeelname van nieuwkomers te versterken.</p>
<p><em>Foto: Jeroen Poortvliet</em></p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Reactie LTO op Prinsjesdagstukken: “Te weinig samenhang, te veel onzekerheid”            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/reactie-lto-op-prinsjesdagstukken-te-weinig-samenhang-te-veel-onzekerheid/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 15 Sep 2026 14:42:07 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/reactie-lto-op-prinsjesdagstukken-te-weinig-samenhang-te-veel-onzekerheid/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Lees hier de eerste reactie van LTO Nederland op de Prinsjesdagstukken.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/01/LTO-Avatar-IcoonArtboard-hr-300x300.png/>'<p><strong>In de troonrede sprak koning Willem-Alexander, namens het kabinet, uitnodigende woorden uit naar boeren en tuinders: “<em>Bij de verdere invulling en verbetering van de plannen zal het kabinet blijven luisteren en alle belangen goed blijven wegen, in goed overleg met de boeren zelf</em>”. LTO waardeert die inzet. Het is ook hard nodig: de plannen moeten op veel onderdelen fundamenteel verbeterd worden om boeren toekomstperspectief te bieden. “<em>Boeren verdienen duidelijkheid en toekomstperspectief</em>”, zegt de koning, maar tegelijkertijd zien we in de begrotingsstukken dat het kabinet beleidskeuzes maakt die daar juist lijnrecht tegen ingaan.<br />
</strong><br />
<strong>Cash cow</strong><br />
Het kabinet zegt dat zij boeren wil helpen om hun bedrijf te verduurzamen, maar maakt financiële keuzes die daar haaks op staan. Dat geldt bijvoorbeeld voor telers en tuinders. Het kabinet wil met plantaardige sectoren een convenant gewasbescherming afsluiten. Voor de zomer zijn afspraken op hoofdlijnen gemaakt tussen het kabinet en plantaardige sectoren. Onder andere over een innovatieprogramma. Maar in de meerjarenbegroting zijn onvoldoende middelen vrijgemaakt om deze stappen te zetten. Telers maken zich dan ook terecht zorgen om hun toekomstig verdienmodel.</p>
<p>Maar tegelijkertijd voert het kabinet een btw-verhoging door op snijbloemen, bloembollen, tuin- en kamerplanten en bomen die juist tot hogere kostprijzen leiden. En dus tot hogere prijzen voor de consument en een slechtere concurrentiepositie voor de producent. Deze btw-verhoging moet vanaf 2028 jaarlijks meer dan 300 miljoen euro opleveren voor de staatskas.</p>
<p>“Wil het kabinet de land- en tuinbouw helpen verduurzamen, of is onze sector een <em>cash cow</em> om gaten in de begroting dicht te fietsen?”, vraagt LTO-voorzitter Ger Koopmans zich af: “Datzelfde geldt voor de suikertaks die door het kabinet wordt ingerekend in de meerjarenbegroting en die vanaf 2030 structureel 900 miljoen euro per jaar op moet brengen. Deze belastingverhoging heeft volgens de kabinetsplannen ook betrekking op zuivelproducten, groente- en fruitsappen en verse, gekoelde en ingevroren groenten en fruit. De belastingopbrengst moet wat LTO betreft een gevolg zijn van een op gezondheidswinst gerichte maatregel; niet een vooraf vastgesteld doel.</p>
<p>Het zijn stuk voor stuk voorbeelden van losse, onsamenhangende maatregelen, zonder visie op de sector. In het Belastingplan 2027 constateert het kabinet zelf al dat deze btw-verhoging zal leiden tot het omvallen van bedrijven in plantaardige ketens.”</p>
<p><strong>Fiscale investeringsreserve</strong><br />
Positief is het feit dat het kabinet de invoering van een fiscale investeringsreserve gaat onderzoeken. Met deze faciliteit worden boeren gestimuleerd om een deel van het bedrijfsrendement te reserveren voor toekomstige investeringen in dierenwelzijn en natuurbevordering. Wat LTO betreft is het noodzakelijk dat deze investeringsfaciliteit óók ingezet kan worden voor maatregelen die de stikstofuitstoot reduceren. Volgens de meerjarenbegroting kan de maatregel op zijn vroegst inwerkingtreden vanaf 2030. We roepen het kabinet met klem op om de faciliteit te versnellen, en ook met terugwerkende kracht toepasbaar te maken.</p>
<p><strong>Stikstoffonds</strong><br />
Over de besteding van het stikstoffonds van 20 miljard euro is nog heel veel onzeker. In 2027 maakt het ministerie van LVVN een eerste bedrag van 231 miljoen euro vrij om boeren te helpen hun bedrijfsvoering aan te passen. Maar boeren kunnen pas écht in verdere verduurzaming van hun bedrijf investeren als zij weer vergunningen kunnen krijgen om te investeren in duurzame managementmaatregelen, innovatieve technieken en stal- en vloersystemen.</p>
<p>Het breed loskomen van vergunningverlening moet dan ook de allerhoogste prioriteit krijgen. En dus niet stapsgewijs of gebied-voor-gebied. De rekenkundige ondergrens moet dit jaar nog worden ingevoerd. En budget uit het stikstoffonds moet met prioriteit beschikbaar worden gesteld voor boeren en tuinders die willen investeren in bedrijfsverduurzaming.</p>
<p><strong>Sociale zekerheid</strong><br />
LTO Nederland vraagt aandacht voor de toenemende lasten die het kabinet neer willen leggen bij werkgevers. Het koopkrachtpakket wordt deels betaald door werkgevers via de hoger vastgestelde premie van de Werkhervattingskas. Ook de invoering van de vrijheidsbijdrage gaat nu vooral ten koste van de werkgever. LTO Nederland wil het gesprek over sociale zekerheid in de polder voeren.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Plantaardige sectoren ondertekenen hoofdlijnen Convenant Gewasbescherming            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/plantaardige-sectoren-ondertekenen-hoofdlijnen-convenant-gewasbescherming/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 14 Jul 2026 12:52:46 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/plantaardige-sectoren-ondertekenen-hoofdlijnen-convenant-gewasbescherming/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Op 14 juli hebben BO Akkerbouw, Greenports Nederland, LTO Nederland en NAJK het Hoofdlijnenconvenant Gewasbescherming ondertekend. Het convenant helpt telers om hun teelten verder te verduurzamen én biedt hun meer rechtszekerheid en langjarig handelingsperspectief. ]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Ondertekening-convenant-300x225.jpeg/>'<p><strong>Het Hoofdlijnenconvenant Gewasbescherming helpt telers in plantaardige sectoren om hun teelten verder te verduurzamen én biedt hun tegelijkertijd meer rechtszekerheid en langjarig handelingsperspectief. Vanuit die vaststelling hebben BO Akkerbouw, Greenports Nederland, LTO Nederland en NAJK het <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2026Z16227&amp;did=2026D36805" target="_blank" rel="nofollow">Hoofdlijnenconvenant</a> op 14 juli ondertekend. Volgens de vier organisaties biedt het convenant voldoende aanknopingspunten om na de zomer, samen met andere convenantpartners, verder uit te werken. “Onze handtekening staat voor een intentie om te komen tot een akkoord”, zo benadrukt André Hoogendijk, directeur BO Akkerbouw: “Cruciale onderdelen moeten nog verder uitgewerkt worden om het convenant succesvol te laten zijn.”</strong></p>
<p>Telers zijn volgens voorzitter Adri Bom-Lemstra van Greenports Nederland al volop bezig om hun gewasbescherming verder te verduurzamen en de impact daarvan op milieu en omgeving te verminderen: “Het toepassen en verder intensiveren van <em>integrated crop management</em> (ICM) vraagt om risicovolle investeringen, onderzoek en versnelde beschikbaarheid van niet-chemische alternatieven zoals <em>high tech</em>-apparatuur en groene gewasbeschermingsmiddelen. De € 250 miljoen die het Rijk nu beschikbaar stelt voor onderzoek en implementatie van ICM is een eerste stap. Maar voor een fonds dat risicovolle ICM-maatregelen versneld in de praktijk brengt, en telers financieel compenseert als zij ingrijpende maatregelen moeten nemen, is een veelvoud van dit budget nodig.”</p>
<p>Ook de samenwerking met markt- en ketenpartijen moet volgens Bom-Lemstra verder worden uitgewerkt: “Bijvoorbeeld het uit de markt terugverdienen van hogere kosten of lagere opbrengsten. Maar ook de vraag hoe – als de markt hierin faalt – de overheid bijspringt om te voorkomen dat dat alleen een risico voor telers en/of ketenpartners wordt.”</p>
<p><strong>Topsport<br />
</strong>“Wat telers doen is topsport”, zegt LTO-voorzitter Ger Koopmans, “maar wel steeds vaker topsport met gebonden handen en voeten. Zo hebben telers vaker te maken met periodes van extreme droogte of wateroverlast. Mede door klimaatverandering zien we in alle teelten een toenemende plaag- en ziektedruk. Maar het aantal werkzame stoffen dat zij mogen gebruiken om hun teelt te beschermen is de voorbije jaren met meer dan 60% afgenomen. Intussen maken provincies en gemeenten steeds vaker eigen beleid met teelt- of middelverboden. En in verschillende provincies moeten telers een natuurvergunning aanvragen voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, gericht op het uitsluiten van mogelijke natuureffecten op afstanden tot 4.000 meter. Totaal onwerkbare, omgekeerde bewijslast, – en stuk voor stuk bepalingen die per postcode kunnen verschillen.”</p>
<p>Koopmans: “Met dit convenant kan er een einde komen aan die onwerkbare praktijk. Na de zomer wordt een ‘landelijk beleidskader leefomgeving en natuur’ opgesteld dat bindend wordt voor provincies en gemeenten. Cruciaal is dat de landelijke maatregelen in dit beleidskader gebaseerd worden op onafhankelijk, wetenschappelijk onderzoek. Daarmee wordt rechtszekerheid geboden aan telers en aan de maatschappij. Uitwerking hiervan wordt bepalend voor het succes van het convenant. Hierin ben ik gesterkt door een signaal vanuit NFO, waarbij wordt ervaren dat de nu voorliggende tekst soms nog te veel geschreven lijkt te zijn vanuit een wantrouwen naar elkaar. Daarom is besloten dat de sectororganisaties KAVB, NFO, Biohuis en Glastuinbouw Nederland in het vervolgproces na de zomer ook zelf aan tafel zitten en rechtstreeks betrokken zijn bij deze uitwerking.”</p>
<p>Stichting Natuur &amp; Milieu en LandschappenNL waren als deelnemers van de kerntafel direct betrokken bij het onderhandelingsakkoord. Desondanks lieten zij eind vorige week weten dit akkoord niet te zullen ondertekenen. Koopmans: &#8220;Het verrast ons zeer dat zij nu afhaken. We zijn er blij mee dat andere partijen aan tafel, waaronder overheden, dit onderhandelingsakkoord wel steunen.</p>
<p><strong>Inbreng van leden en achterban<br />
</strong>NAJK-bestuurder Hilde Coolman: “Het hoofdlijnenconvenant bevat ook maatregelen die zwaar vallen in de plantaardige sectoren. Het landelijke beleidskader voor natuur en leefomgeving dat na de zomer wordt opgesteld, zal ook maatregelen bevatten die in specifieke situaties beperkend zijn voor telers. En voor waterkwaliteit zal, met name in grondwaterbeschermingsgebieden, sneller en scherper geschakeld moeten worden om waterkwaliteitsrisico’s te beperken. Voor telers zal daar écht voldoende tegenover moeten staan. Bij zware ingrepen dienen telers volledig gecompenseerd te worden. En ook voor de plantaardige sectoren moet daarbij het hele ‘trappetje van Remkes’ op tafel liggen, inclusief de mogelijkheid om te kiezen voor extensivering, verplaatsing of uitkoop. Daar gaan we ons in de verdere uitwerking keihard voor inzetten!”</p>
<p>“Twee weken geleden organiseerden onze organisaties <a href="https://www.lto.nl/terugkijken-ledenwebinar-convenant-gewasbescherming-van-2-juli-2026/">een gezamenlijk leden-webinar</a>. De tientallen vragen die tijdens het webinar gesteld werden, laten zien hoe groot de betrokkenheid en het gevoel van urgentie onder onze leden is,” zegt Coolman: “Daarbij kwam kraakhelder naar voren dat telers stappen kunnen en willen zetten, maar daarbij wel als randvoorwaarde stellen dat draconische maatregelen zoals vergunningplicht, teeltverboden en afstandseisen zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Telers vragen om handelingsperspectief, om werkbare alternatieven en om keuzes die gebaseerd zijn op onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek.”</p>
<p>Coolman: “In het regeerakkoord staat dat – als het partijen niet lukt om in gezamenlijkheid tot een Convenant Gewasbescherming te komen – het kabinet zelf met nieuw beleid komt om het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen terug te dringen. De <a href="https://open.overheid.nl/overheid/openbaarmakingen/api/v0/attachment/bc6acef2-0bb5-4ea6-976d-c7630b45ac89" target="_blank" rel="nofollow">Kamerbrief van 26 juni</a> jl. bekrachtigde dit. Indien de sector de discussie over gewasbescherming overlaat aan kabinet en Tweede Kamer, dan liggen de mogelijke maatregelen al op de plank, waaronder uitfasering van het middelengebruik in gebieden, zonering en een vergunningsplicht. Wij zijn ervan overtuigd dat het in het belang is van onze telers en bedrijven om dat te voorkomen. Om invloed aan tafel uit te blijven oefenen en om ons in te blijven zetten voor afspraken die haalbaar en realistisch zijn, ondernemers handelingsperspectief bieden én rechtszekerheid. Tijdens het webinar met onze achterban voelden we ook steun voor die aanpak.”</p>
<p><strong>Proces na de zomer<br />
</strong>Hoogendijk vult aan: “Het hoofdlijnenconvenant dat vandaag door alle betrokken partijen is ondertekend, is een ‘raamakkoord’. Belangrijke thema’s moeten zorgvuldig uitgewerkt worden met compenserende maatregelen voor de telers die het betreft. Na de zomer gaan we daarmee door. Dan worden ook deelconvenanten per plantaardige sector opgesteld. Succes is niet gegarandeerd, daar zijn we ons allemaal van bewust, maar we zien voldoende aanknopingspunten. We hebben voldoende vertrouwen in het proces, om bij die verdere uitwerking betrokken te willen zijn.”</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Geitensector vraagt om ruimte voor ontwikkeling            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/geitensector-vraagt-om-ruimte-voor-ontwikkeling/            </link>
            <pubDate>
                Fri, 10 Jul 2026 13:35:21 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/geitensector-vraagt-om-ruimte-voor-ontwikkeling/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Het kabinet heeft de voorgenomen maatregelen rondom geitenhouderij en gezondheid van omwonenden (VGO) verder uitgewerkt. De sector vraagt om zorgvuldigheid, proportionaliteit en een stevige wetenschappelijke onderbouwing bij de verdere besluitvorming.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Geit-300x200.jpg/>'<p><strong>Het kabinet heeft de <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2026Z16068&amp;did=2026D36315" target="_blank" rel="nofollow">voorgenomen maatregelen</a> rondom geitenhouderij en gezondheid van omwonenden (VGO) verder uitgewerkt. LTO Geitenhouderij, <a href="http://www.ngzo.nl" target="_blank" rel="nofollow">NGZO</a> en <a href="https://www.platformmelkgeitenhouderij.nl/" target="_blank" rel="nofollow">het Platform Melkgeitenhouderij</a> vragen om zorgvuldigheid, proportionaliteit en een stevige wetenschappelijke onderbouwing bij de verdere besluitvorming. Ook moet er perspectief blijven voor bestaande bedrijven. De sector werkt ondertussen actief aan oplossingen via het eigen sectorplan.</strong></p>
<p><strong>Afstandsnorm vraagt om perspectief<br />
</strong>Het kabinet wil een afstandsnorm van 500 meter invoeren. Voor de geitenhouders én voor de woningbouwmogelijkheden zijn dit verstrekkende maatregelen. Geitenbedrijven in de nabijheid van woonkernen kunnen daardoor niet uitbreiden of zich nieuw vestigen. Ook woningbouwontwikkelingen binnen de zone kunnen worden geraakt. Over de gevolgen van de afstandsnorm voor bedrijven binnen de zone is nog veel onduidelijk. De sector vindt daarom dat een dergelijke norm tijdelijk van aard moet zijn en periodiek moet worden herijkt op basis van nieuwe wetenschappelijke inzichten.<br />
De zorgen van omwonenden over hun gezondheid verdienen de juiste aandacht. Het is belangrijk voor iedereen dat maatregelen eerlijk, proportioneel en wetenschappelijk goed onderbouwd zijn.</p>
<p><em>&#8220;Als deze verstrekkende maatregelen worden genomen op basis van bestaande onzekerheden, dan moeten deze ook tijdelijk van aard zijn en opnieuw worden beoordeeld zodra nieuwe onderzoeksresultaten beschikbaar komen. De diverse recente wetenschappelijke twijfels ondersteunen ons om met overheden te bespreken of en hoe we deze maatregelen kunnen verbeteren om onnodige gevolgen voor de samenleving te beperken.”  </em>Jos Tolboom, voorzitter van LTO Geitenhouderij.</p>
<p><strong>Oproep tot beëindiging moratoria buiten de 500 meter zone<br />
</strong>LTO Geitenhouderij, NGZO en het Platform Melkgeitenhouderij doen de oproep richting provincies om de bestaande moratoria op korte termijn in lijn te brengen met landelijk voorgenomen beleid. Het kabinet kiest voor een landelijke afstandsnorm van 500 meter en daarmee ligt het volgens de sector voor de hand dat bedrijven buiten deze zone weer ontwikkelruimte krijgen. Voor bedrijven binnen de zone is maatwerk nodig, zodat ook zij zicht houden op een toekomstbestendige ontwikkeling.</p>
<p><strong>Besluiten moeten gebaseerd zijn op actuele inzichten<br />
</strong>De sector benadrukt dat de aangekondigde epidemiologische vervolgstudie van essentieel belang is. Hierdoor worden nieuwe beleidskeuzes zoveel mogelijk gebaseerd op de meest actuele inzichten. De sector blijft daarnaast scherp kijken naar andere wetenschappelijke ontwikkelingen. Eerder publiceerde Stat-Gent een <a href="https://www.platformmelkgeitenhouderij.nl/reviewvgo/" target="_blank" rel="nofollow">onafhankelijke wetenschappelijke review</a> over de onderzoeken naar geitenhouderij en gezondheid van omwonenden. Daarnaast verscheen deze week ook een <a href="https://www.nrc.nl/nieuws/2026/07/09/heeft-de-geit-het-weer-gedaan-het-bewijs-is-broodmager-dat-omwonenden-longontstekingen-krijgen-door-de-geitenhouderij-a4930549" target="_blank" rel="nofollow">artikel in het NRC</a>, waarin diverse wetenschappers met uiteenlopende disciplines grote kanttekeningen plaatsen bij de conclusies die uit VGO getrokken worden. Zowel de review als het artikel laten zien dat er nog altijd belangrijke kennisvragen openstaan en dat zorgvuldig onderzoek noodzakelijk blijft voordat definitieve conclusies kunnen worden getrokken.</p>
<p><strong>Samen werken aan gedragen oplossingen<br />
</strong>LTO Geitenhouderij, NGZO en het Platform Melkgeitenhouderij blijven in gesprek met ministeries, provincies, Kamerleden en andere betrokken partijen. De sector gaat verder met neemt haar verantwoordelijkheid en werkt actief mee aan oplossingen. Er wordt hard gewerkt aan de uitvoering van het sectorplan, waarin onder meer wordt ingezet op emissiereducerende maatregelen. Tegelijkertijd doet de sector nadrukkelijke oproep om beleid te baseren op robuuste wetenschappelijke inzichten, proportionaliteit, maatwerk en perspectief voor bedrijven.</p>
<p>&nbsp;</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Schapensector overhandigt actieplan aan ministerie van LVVN            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/schapensector-overhandigt-actieplan-aan-ministerie-van-lvvn/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 09 Jul 2026 16:16:18 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/schapensector-overhandigt-actieplan-aan-ministerie-van-lvvn/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[De Nederlandse schapensector heeft op donderdag 9 juli het actieplan Kracht van de kudde aangeboden aan het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN).]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-300x169.jpeg/>'<p><strong>De Nederlandse schapensector heeft op donderdag 9 juli het actieplan <a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/20260701_Actieplan-Krachtvandekudde-Schapensector_def.pdf" target="_blank">Kracht van de kudde</a> aangeboden aan het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN).<br />
Het actieplan bevat zes concrete oplossingsrichtingen, met bijbehorende voorstellen en aanbevelingen, om de economische draagkracht van de schapensector structureel te versterken en daarmee een toekomstbestendige schapensector te behouden.</strong></p>
<p>Met de overhandiging van het actieplan, waar de minister van LVVN helaas niet bij aanwezig kon zijn, roept de sector de minister wel op om de voorgestelde maatregelen voortvarend op te pakken en samen met de sector en andere betrokken partijen te werken aan de uitvoering ervan. Alleen door gezamenlijke actie kan de unieke maatschappelijke en landschappelijke waarde van de Nederlandse schapensector ook voor de toekomst worden behouden.</p>
<p>Het actieplan is het resultaat van een intensief traject van rondetafelgesprekken onder leiding van aanjager Bart Krol, waaraan vertegenwoordigers van de sector, overheden, terrein beherende organisaties, waterschappen, kennisinstellingen en andere betrokken partijen hebben deelgenomen.</p>
<p><strong>Schapensector staat onder grote druk<br />
</strong>De aanleiding voor het actieplan is de zorgwekkende situatie waarin de Nederlandse schapensector zich bevindt. Uit onderzoek naar de economische draagkracht van de sector bleek dat schapenhouders te maken hebben met een opeenstapeling van uitdagingen, waaronder stijgende kosten, dierziekten zoals blauwtong, de terugkeer van de wolf, beperkte toegang tot grond en regelgeving die niet altijd aansluit bij de praktijk. Mede naar aanleiding van dit onderzoek vroeg de toenmalige minister van LVVN aan Bart Krol om als onafhankelijk aanjager samen met betrokken partijen te verkennen welke maatregelen nodig zijn om de sector duurzaam toekomstperspectief te bieden.</p>
<p><strong>Veel meer dan alleen vlees en wol<br />
</strong>Volgens de opstellers van het actieplan is het behoud van de schapensector van groot maatschappelijk belang. Schapen spelen een onmisbare rol in het beheer van natuurgebieden, heidevelden, dijken, uiterwaarden en andere landschappen. Zij dragen bij aan biodiversiteit, landschapskwaliteit, waterveiligheid en het behoud van bijzondere landschappen en cultureel erfgoed. Tegelijkertijd leveren schapenhouders hoogwaardige producten zoals lamsvlees en wol en vormen zij een onmisbare schakel in de leefbaarheid van het platteland.</p>
<p><em>Saskia Cahuzak, voorzitter Ketenorganisatie Schapenhouderij Nederland: &#8220;De Nederlandse schapensector bevindt zich op het snijvlak van landbouw en natuur. Wanneer de sector verder krimpt, verdwijnen niet alleen schapenbedrijven, maar verliezen we ook kennis, vakmanschap, natuurbeheer en karakteristieke landschappen. Dat raakt de hele samenleving.&#8221; </em></p>
<p><strong>Samen werken aan structurele oplossingen<br />
</strong>Het actieplan bevat zes oplossingsrichtingen die gezamenlijk moeten zorgen voor een sterker fundament onder de sector. De voorstellen richten zich onder meer op een krachtigere sectororganisatie, betere toegang tot grond, een stabielere financiering van begrazingskuddes, een hogere waarde voor Nederlandse wol als biobased bouwmateriaal, beter passende mest- en stikstofregels en een sterkere positie van de schapenhouderij binnen het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).</p>
<p><strong>Oproep aan overheid en partners<br />
</strong>Met de overhandiging van <em>Kracht van de Kudde</em> vraagt de schapensector niet om incidentele steun, maar om een gezamenlijke langetermijnvisie waarin overheid, sector en maatschappelijke partners samenwerken aan een economisch gezonde en maatschappelijk waardevolle schapensector. Het actieplan is dan ook geen vrijblijvend document, maar bedoeld als vertrekpunt voor een duurzame samenwerking tussen de schapensector, overheden, ketenpartners, terreinbeheerders, kennisinstellingen en andere betrokken organisaties.</p>
<p>De sector heeft met dit actieplan haar verantwoordelijkheid genomen en spreekt het vertrouwen uit dat de voorgestelde oplossingsrichtingen een stevig fundament bieden voor verdere samenwerking. Tegelijkertijd zal de waarde van het plan uiteindelijk worden bepaald door de bereidheid van alle betrokken partijen om de voorstellen gezamenlijk om te zetten in concrete acties. Juist daarin ligt de uitdaging voor de komende periode.</p>
<p><em>LTO Nederland is samen met de Vereniging van Slachterijen en Vleesverwerkende bedrijven, Vee &amp; Logistiek Nederland en de Nederlandse Schapen- en Geitenfokkers Organisatie mede-oprichter van de Ketenorganisatie Schapenhouderij Nederland (KOS).</em></p>
<p>&nbsp;</p>
<p><em> <img fetchpriority="high" decoding="async" class="alignnone size-medium wp-image-20762" src="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-300x169.jpeg" alt="" width="300" height="169" srcset="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-300x169.jpeg 300w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-1024x576.jpeg 1024w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-768x432.jpeg 768w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-1536x864.jpeg 1536w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-250x141.jpeg 250w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-600x338.jpeg 600w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector-900x506.jpeg 900w, https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/07/Schapensector.jpeg 2048w" sizes="(max-width: 300px) 100vw, 300px" /></em></p>
<p>Bron foto: LVVN</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Samen werken aan duurzaam en toekomstbestendig agrosysteem met goed verdienvermogen als doel            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/samen-werken-aan-duurzaam-en-toekomstbestendig-agrosysteem-met-goed-verdienvermogen-als-doel/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 02 Jul 2026 09:40:12 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/samen-werken-aan-duurzaam-en-toekomstbestendig-agrosysteem-met-goed-verdienvermogen-als-doel/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[LTO heeft samen met een brede coalitie van partijen het SER-advies ‘Samenwerken aan een duurzaam en toekomstbestendig agrosysteem’ opgesteld.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/05/groene-hart-74-1707x1280_72-300x225.jpg/>'<p><strong>LTO heeft samen met een brede coalitie van partijen, waaronder <a href="https://natuurenmilieu.nl/" target="_blank" rel="nofollow">Natuur &amp; Milieu</a>, <a href="https://www.najk.nl/" target="_blank" rel="nofollow">NAJK</a>, <a href="https://www.vno-ncw.nl/" target="_blank" rel="nofollow">VNO-NCW</a> en de vakbeweging het SER-advies ‘</strong><a href="https://www.ser.nl/nl/adviezen/toekomstbestendig-agrosysteem" target="_blank" rel="nofollow"><strong>Samenwerken aan een duurzaam en toekomstbestendig agrosysteem</strong></a><strong>’ opgesteld. Het advies, dat vandaag wordt vastgesteld en gepresenteerd, benadrukt dat boeren, tuinders, ketenpartijen en maatschappelijke organisaties samen moeten werken aan doelen voor klimaat, stikstof, bodem, water en biodiversiteit. Daarvoor zijn duidelijke randvoorwaarden nodig: doelsturing, uitvoeringskracht, een lonend verdienmodel, ruimte voor innovatie en investeringen in kennis en scholing.</strong></p>
<p>Voor LTO staat voorop dat de beweging naar een duurzamer agrosysteem hand in hand moet gaan met economisch perspectief voor boeren en tuinders. Agrarische ondernemers hebben zekerheid, vertrouwen en uitvoerbaar beleid nodig om te kunnen investeren en innoveren. Het SER-advies heeft belangrijke aanknopingspunten om die opgaven gezamenlijk op te pakken, met een gedeelde visie, concrete acties en duidelijke voorwaarden voor duurzaam ondernemerschap.</p>
<p>“Samenwerking op al deze complexe dossiers is cruciaal. Het adviesrapport biedt volop mogelijkheden om verder te werken aan de uitvoering op landelijk, provinciaal en lokaal niveau. Met een gedeelde visie, concrete acties en duidelijke voorwaarden voor duurzaam ondernemerschap. Dit adviesrapport laat zien dat samenwerken kan en moét. Dit alles moet bijdragen aan een goed verdienvermogen voor boeren en tuinders en hun gezinnen”, aldus Ger Koopmans.</p>
<p><strong>Doelsturing en uitvoeringskracht als basis<br />
</strong>Het adviesrapport sluit aan bij de inzet van LTO op vertrouwen, toekomstperspectief, innovatiekracht en samenwerking. Die lijn loopt als rode draad door de verschillende hoofdstukken.<br />
<span style="font-size: 1em;">Voor LTO springen twee aanbevelingen in het oog: de overgang naar doelsturing en het verder uitwerken van een Publiek-Private Organisatie. De concrete invulling daarvan vraagt om nadere uitwerking. Daarbij moet het handelingsperspectief van de agrarische ondernemer centraal staan, met ruimte voor vakmanschap en ondernemerschap. </span></p>
<p><span style="font-size: 1em;">Doelsturing is voor LTO niet vrijblijvend: het vraagt ook om goede borging, zodat resultaten daadwerkelijk worden gehaald. Ook is institutionele vernieuwing via een Publiek-Private Organisatie nodig om voldoende uitvoeringskracht te organiseren. Verduurzaming kan niet alleen door de markt of alleen door de overheid worden ingevuld, maar vraagt om gezamenlijke verantwoordelijkheid.</span></p>
<p><strong>Maatschappelijk draagvlak</strong><br />
Het adviesrapport is tot stand gekomen met bijdragen en instemming van de Kroonleden, de vakbeweging, VNO-NCW, NAJK en Natuur &amp; Milieu. Daarmee ligt er een breed maatschappelijk gedragen advies.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Kabinet komt met ingrijpend pakket, cruciale maatregelen moeten echt anders            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/kabinet-komt-met-ingrijpend-pakket-cruciale-maatregelen-moeten-echt-anders/            </link>
            <pubDate>
                Fri, 26 Jun 2026 14:38:07 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/kabinet-komt-met-ingrijpend-pakket-cruciale-maatregelen-moeten-echt-anders/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[“De stikstofaanpak die het kabinet vandaag presenteerde, bevat maatregelen die diep in zullen grijpen in de bedrijfsvoering van veel boeren en tuinders. Voor cruciale maatregelen geldt dat de keuze onbegrijpelijk en disproportioneel is. Zoals de omgang met zonering rondom natuurgebieden, en de ...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/01/LTO-Avatar-IcoonArtboard-hr-300x300.png/>'<p><strong>“De stikstofaanpak die het kabinet vandaag <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2026Z14788&amp;did=2026D33108" target="_blank" rel="nofollow">presenteerde</a>, bevat maatregelen die diep in zullen grijpen in de bedrijfsvoering van veel boeren en tuinders. Voor cruciale maatregelen geldt dat de keuze onbegrijpelijk en disproportioneel is. Zoals de omgang met zonering rondom natuurgebieden, en de voorgestelde uitwerking van grondgebondenheid. “Pijnlijke maatregelen”, zegt LTO-voorzitter Ger Koopmans: “waarvan volstrekt onduidelijk is hoe ze aansluiten en optellen tot de doelen die gehaald moeten worden.”</p>
<p></strong><strong>Tegelijkertijd worden in het pakket ook de eerste goede stappen gezet om tot beter werkbaar beleid te komen: “Het uit de wet halen van de kritische depositiewaarde (KDW), het invoeren van een rekenkundige ondergrens en het (gefaseerd) loskomen van vergunningverlening zijn belangrijke randvoorwaarden om uit de stikstofcrisis te komen. Het kabinet stelt dat provinciale handhavings- en intrekkingsverzoeken voor PAS-melders met dit pakket kunnen worden voorkomen. Positief is ook dat het kabinet de feitelijke staat van de natuur beter wil meten, en aan terreinbeherende organisaties resultaatverplichtingen voor natuurherstel op gaat leggen.”</p>
<p></strong><strong>Met die constatering reageert LTO-voorzitter Ger Koopmans op de vandaag gepresenteerde plannen van de ministeriële Taskforce Landbouw, Stikstof &amp; Natuur: “De landbouw </strong><a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/07/Gezamenlijke-bouwsteen-emissiereductie-landbouw.pdf" target="_blank"><strong>wil bijdragen aan</strong></a><strong> een forse reductie van de stikstofuitstoot. Maar om die stappen te kunnen zetten, <em>móet</em> de vergunningverlening loskomen. Emissiereductie en vergunningverlening moeten hand in hand gaan. Want hoe kan een ondernemer zijn bedrijf verduurzamen als hij daar niet in kan investeren? De Kamerbrief maakt niet duidelijk wanneer vergunningverlening daadwerkelijk vrijkomt. Terwijl de doelen voor 2035 vaststaan, – en de sector daaraan gehouden wordt. Het kabinet kiest ervoor de rekenkundige ondergrens pas eind volgend jaar in te voeren, en omkleed dat met beheersmaatregelen waarvan onduidelijk is wat ze voor de landbouw betekenen. Het tempo van de vergunningverlening moet omhoog, er moet nog veel onduidelijkheid worden weggenomen en een aantal voorstellen moet echt worden ingetrokken en veranderd.”</p>
<p></strong><strong>Niemand is gehouden aan het onmogelijke<br />
</strong>“Als je tegen boeren zegt dat ze stappen <em>moeten</em> zetten, dan moeten ze die stappen ook <em>kunnen</em> zetten”, vervolgt Koopmans: “Boeren staan klaar om te investeren in emissie-reducerende maatregelen. In bewezen innovaties, in stalaanpassingen en in management­maatregelen. Maar zij kunnen niet verantwoordelijk worden gehouden om 100% van de doelen te halen als zij daarvoor maar 50% van de middelen tot hun beschikking hebben. Die disbalans moet zo snel mogelijk worden opgelost. Niemand is gehouden aan het onmogelijke.”</p>
<p><strong>Provincies aan zet<br />
</strong>Een deel van het vandaag aangekondigde beleid zal met Rijksinstructieregels bij de provincies worden gelegd, en daar verder uitgewerkt worden. Daarmee krijgen provincies een zware (mede)­verantwoordelijkheid voor cruciale zaken zoals de invulling van zonering rondom stikstofgevoelige natuurgebieden. Rondom 100 natuurgebieden worden zones ingevoerd waar extra emissiereductie gerealiseerd moet worden. Samen met provincies, gemeenten, waterschappen en NAJK <a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/07/Gezamenlijke-bouwsteen-emissiereductie-landbouw.pdf" target="_blank">riepen we het Rijk op om te kiezen voor zones van 250 meter</a>. We roepen de provincies dan ook op om dit beleid gezamenlijk met agrariërs vorm te geven, en gezamenlijk te zoeken naar een alternatieve invulling als de doelen daarmee ook worden gehaald. Voor veel agrariërs in deze zones zal vergaande extensivering de enige realistische optie zijn, terwijl onduidelijk is op wat voor verdienmodel die bedrijven kunnen bouwen. Nergens in de brief gaat de minister in op het toekomstige verdienvermogen en verdienmodel van boeren en tuinders.</p>
<p>Koopmans: “Positief is dat partijen in deze zones óók de mogelijkheid krijgen om de doelen via een provinciaal gebiedsproces te realiseren. Dan kunnen overheden, agrariërs en andere grondeigenaren gezamenlijk puzzels leggen waarin, op basis van de WILG-systematiek, de rechtszekerheid en het inkomen van alle betrokkenen geborgd is. En waarbij het hele ‘trappetje van Remkes’ op tafel ligt.”</p>
<p><strong>PAS-melders<br />
</strong>Voor het legaliseren van de PAS-melders verwijst het kabinet naar het Programma maatwerkaanpak PAS-melders waarvan we weten dat het <a href="https://www.lto.nl/lto-reageert-op-internetconsultatie-concept-aanpak-pas-melders-biedt-onvoldoende-perspectief/">lang niet alle PAS-melders een garantie op legalisatie biedt</a>. En voor de Interimmers wordt een ‘verkenning’ aangekondigd. Koopmans: “Dat is absoluut onvoldoende. De stikstofaanpak moet op zo’n manier worden uitgewerkt dat PAS-melders en Interimmers wél een garantie op legalisatie krijgen. Juist voor hen biedt invoering van een rekenkundige ondergrens een oplossing. Cruciaal is het invoeren van een hedendaags referentiemoment om veilig te stellen dat PAS-melder en Interimmers in een definitief gelegaliseerde situatie kunnen komen.”</p>
<p><strong>Grondgebondenheid<br />
</strong>Het doel van grondgebondenheid is het verbeteren van de waterkwaliteit. De introductie van een eenvoudige norm van 2,6 GVE voor iedereen, zonder de optie om waterkwaliteitsdoelen te realiseren via doelsturing, is strijdig met wat de coalitie in haar eigen regeerakkoord heeft opgenomen. Op deze manier gaat de maatregel weinig bijdragen aan waterkwaliteitsverbetering. Sterker nog: het zal kostprijsverhogend werken, en daarmee druk zetten op de investeringsmogelijkheden om daadwerkelijk te investeren in ammoniakreductie. Koopmans: “Het is onbegrijpelijk dat doelsturing geen onderdeel uitmaakt van grondgebondenheid. Dat moet echt anders.”</p>
<p><strong>Vervolg<br />
</strong>In de <a href="https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2026Z14788&amp;did=2026D33108" target="_blank" rel="nofollow">Kamerbrief</a> schrijft de minister dat veel zaken nog verder ingevuld moeten worden en dat de voorgestelde koers niet overal definitief is. Die uitwerking wordt bepalend voor het succes van de aanpak. Koopmans: “Het voorgestelde beleid en veel van de voorgestelde maatregelen zullen diep ingrijpen in de bedrijfsvoering van agrariërs. Als je van boeren en tuinders vraagt om zulke grote stappen te zetten, dan heb je de plicht om hun daar ook duidelijkheid en handelingsperspectief over te geven. Ik roep het kabinet, de Tweede Kamer en de provincies op om zo snel mogelijk vanaf de zomer, samen met agrarische partijen, het hele pakket te verbeteren en te concretiseren op zo’n manier dat boeren en tuinders daarmee uit de voeten kunnen. Dat maatregelen duidelijk, haalbaar en realistisch zijn. Dat de daadwerkelijke vergunningverlening versneld wordt. En dat boeren ook kunnen leveren wat er van hen gevraagd wordt. Wij zijn bereid daaraan een bijdrage te leveren. Maar dan moet er bij overheden de bereidheid zijn om het beleid zo aan te passen dat boerengezinnen vergunningen krijgen, kunnen verduurzamen en een goed inkomen kunnen verdienen.”</p>
<p><em>Vanaf aanstaande maandag gaan LTO-voorzitter Ger Koopmans en de bestuursleden van LTO Nederland op een regiotour door het land om met LTO-leden in gesprek te gaan over het stikstofpakket. De uitkomsten van deze gesprekken brengen we onder de aandacht van de Tweede Kamer vooruitlopend op het Kamerdebat over het stikstofpakket.</em></p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Europese Commissie keurt Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem) goed            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/europese-commissie-keurt-subsidieregeling-extensivering-melkveehouderij-sem-goed/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 14 Apr 2026 15:23:47 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/europese-commissie-keurt-subsidieregeling-extensivering-melkveehouderij-sem-goed/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[De Europese Commissie heeft de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem) goedgekeurd. Een belangrijke stap voor melkveehouders die op zoek zijn naar perspectief. Het ministerie van LVVN heeft dit vandaag bekendgemaakt aan de Tweede Kamer. Voor de regeling, die op 1 juni 2026 wordt opengesteld, stelt het ministerie van LVVN € 627 miljoen beschikbaar.]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2019/09/Melkveehouderij-Koeien-Profiel-1-199x300.jpg/>'<p><strong>De Europese Commissie heeft de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem) goedgekeurd. Dat is een belangrijke stap voor melkveehouders die op zoek zijn naar perspectief binnen de huidige opgave in de landbouw. Het ministerie van Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuurbeheer (LVVN) heeft dit vandaag bekendgemaakt aan de Tweede Kamer. Binnenkort publiceert LVVN de regeling in de Staatscourant. De regeling wordt op 1 juni 2026 opengesteld. Voor de regeling stelt het ministerie van LVVN € 627 miljoen beschikbaar.</strong></p>
<p>De Sem heeft als doel om de emissies van ammoniak en broeikasgassen te verminderen. Daarnaast zal de mestproductie afnemen, waardoor ook de druk op de mestmarkt naar verwachting zal afnemen. De regeling is specifiek voor melkveehouders die willen blijven melken, maar in de problemen zijn gekomen. Hiermee kunnen zij onder gunstige financiële voorwaarden toch investeren in hun bedrijf.</p>
<p><strong>Toepassing van de Sem</strong><br />
De regeling is vrijwillig en tijdelijk van aard. Deze regeling biedt melkveehouders die klem zitten een concreet handelingsperspectief. Tegelijkertijd draagt de regeling bij aan het verlichten van de druk op de mestmarkt als geheel. We zijn blij dat de Europese Commissie nu goedkeuring heeft gegeven en kijken uit naar de openstelling.</p>
<p>De primaire melkveeorganisaties zien de regeling ook als een onderdeel van een breder pakket. Zo hebben de primaire melkveeorganisaties gepleit voor structurele vormen van derogatie, voor de invoering van een protocol voor gasvormige verliezen en is er een Convenant Verlagen ruw eiwit in rantsoenen melkveebedrijven (Voerspoor) gesloten. Ten slotte is inzet op RENURE eveneens een belangrijk spoor dat bijdraagt aan verlichting van de mestmarkt. Voorwaarden Melkveehouders die deelnemen aan de regeling extensiveren hun bedrijf gedurende een periode van drie jaar door minimaal 10% en maximaal 20% van hun melkvee af te bouwen. Daarvoor ontvangen zij een compensatie voor gemiste inkomsten en een vergoeding voor de fosfaatrechten die definitief worden doorgehaald. Na drie jaar is reguliere bedrijfsontwikkeling weer mogelijk en kunnen deelnemende melkveehouders ervoor kiezen hun veestapel weer te laten groeien, bijvoorbeeld naar het oorspronkelijke aantal melkkoeien.</p>
<p>Tegelijkertijd met de publicatie van de regeling in de Staatscourant publiceert de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) uitleg over de precieze voorwaarden en werking van de regeling op haar subsidiepagina, inclusief een rekentool. Ook komen er online vragenuurtjes om melkveehouders die interesse hebben goed in staat te stellen te onderzoeken of de regeling voor hen financieel aantrekkelijk is. Daarnaast informeert de RVO accountants over de regeling.</p>
<p><strong>Hoogte subsidie</strong><br />
De subsidie wordt in jaarlijkse voorschotten uitbetaald gedurende de driejarige looptijd van de regeling en bestaat uit twee componenten. Ten eerste compensatie inkomensverlies van € 1.606,- per melkkoe per jaar. Ten tweede een vergoeding van € 110,- per fosfaatrecht voor 100% van de rechten. Dit in tegenstelling tot een marktpartij waarbij de verkopende partij 70% van de rechten kan verkopen. De totale vergoeding bij een gemiddelde melkproductie is dan € 9.757,- per melkkoe. Wij adviseren melkveehouders om dit met de accountant te bespreken en daarbij aandacht te hebben voor de fiscale kant.</p>
<p><strong>Private ondersteuning</strong><br />
Naast de publieke regeling leveren ook banken een bijdrage. Afhankelijk van hun beleid bieden zij passende financierings- en investeringsmogelijkheden aan deelnemende melkveebedrijven. Daarbij wordt maatwerk toegepast, binnen de geldende bancaire kaders en mededingingsregels. Dit stelt melkveehouders in staat om hun bedrijf verder te ontwikkelen en gericht te investeren in een toekomstbestendige bedrijfsvoering.</p>
<p>De regeling is tot stand gekomen op initiatief van zeven primaire melkveeorganisaties: LTO Melkveehouderij, NAJK, NMV, DDB, Agractie, De Natuurweide en Netwerk GRONDig. De organisaties hebben zich de afgelopen periode gezamenlijk ingezet om te komen tot een praktische en haalbare oplossing voor melkveehouders die vastlopen door de druk op de mestmarkt.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                LTO lanceert met sector en ministerie van LVVN campagne om stalbranden te voorkomen            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/lto-lanceert-met-sector-en-ministerie-van-lvvn-campagne-om-stalbranden-te-voorkomen/            </link>
            <pubDate>
                Tue, 24 Mar 2026 09:02:42 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/lto-lanceert-met-sector-en-ministerie-van-lvvn-campagne-om-stalbranden-te-voorkomen/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Het aantal stalbranden neemt in Nederland al jarenlang af. Maar iedere stalbrand is er een te veel. Dat zorgt voor veel leed en verdriet en heeft een grote financiële impact...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2026/03/19435-Werkbezoek-Erkens-9084-300x200.jpg/>'<p><strong>Het aantal stalbranden neemt in Nederland al jarenlang af. Maar iedere stalbrand is er een te veel. Dat zorgt voor veel leed en verdriet en heeft een grote financiële impact. Daarom start LTO Nederland samen met het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN), Brandweer Nederland, Producentenorganisatie Varkenshouderij (POV), Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) en het Verbond van Verzekeraars de campagne ‘Voorkom stalbrand’.</strong></p>
<p><strong>Ervaringsverhalen en praktische tips<br />
</strong>Op de campagnewebsite <a href="http://www.voorkomstalbrand.nl/" target="_blank" rel="nofollow">www.voorkomstalbrand.nl</a> staan 5 concrete tips om het risico op stalbrand te verkleinen. Bijvoorbeeld over veilig omgaan met elektrische apparaten, lassen en mest mixen. Ook staan op de website ervaringsverhalen, zoals die van veehouder Joost Luken: ‘’Het meest waarschijnlijk is dat er bij ons in een apparaat kortsluiting is ontstaan, waardoor een vonk is overgesprongen op brandbaar materiaal, stof of stro. Kijk altijd goed naar je opslag van hooi, stro, machines en technische installaties. Die zaken kunnen het verschil maken, juist op een moment dat je het ‘t minst verwacht.”</p>
<p><strong>Bewustwording bij veehouders verhogen<br />
</strong>Het doel van de campagne is de bewustwording over risico&#8217;s op stalbrand onder veehouders verhogen. Uit het onderzoek ‘Brandveiligheid veehouderijen’ van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) blijkt namelijk dat veel veehouders wel eens een bijna-brand hebben meegemaakt, maar zelden een grote brand. Daardoor wordt het risico vaak als klein ervaren, terwijl brand in stallen in de praktijk regelmatig voorkomt. Daarom biedt de campagne praktische tips om de risico&#8217;s te verkleinen.</p>
<p><strong>Verdere aanpak stalbranden<br />
</strong>Hoewel het aantal branden afneemt, is elke stalbrand er een te veel. Daarom werkt de overheid aan een aanpak om het aantal stalbranden in Nederland te verminderen. Naast de campagne wordt er een elektrakeuring en een brandveiligheidskeuring voor veehouderijen ontwikkeld. Ook is uit onderzoek gebleken dat de brandveiligheid van een stal integraal benaderd moet worden voor een effectieve aanpak. In dat kader is een denkraam <a href="https://nipv.nl/onderzoek/brandveiligheid-veestallen/#:~:text=Het%20denkraam%20is%20bedoeld%20voor,te%20beoordelen%20en%20te%20verbeteren." target="_blank" rel="nofollow">‘Basis voor brandveiligheid voor veestallen’</a> opgesteld door het Nederlands Instituut voor Publieke Veiligheid (NIPV). Dit denkraam helpt bij het in kaart brengen van brandveiligheidsrisico’s en mogelijke oplossingen voor veestallen. De verdere toepassingsmogelijkheden van het denkraam worden onderzocht.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Blijf alert; onrustig met uitbraken van dierziekten in Europa, nu ook Mond en Klauwzeer (MKZ) in Griekenland            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/blijf-alert-onrustig-met-uitbraken-van-dierziekten-in-europa-nu-ook-mond-en-klauwzeer-mkz-in-griekenland/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 19 Mar 2026 11:59:16 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/blijf-alert-onrustig-met-uitbraken-van-dierziekten-in-europa-nu-ook-mond-en-klauwzeer-mkz-in-griekenland/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[Het blijft onrustig met de uitbraken van dierziekten in Europa. Op 16 maart is er ook een uitbraak van MKZ vastgesteld op het Griekse eiland Lesbos...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2019/09/Gezonde-DierenMelkveehouderij-Koeien-Wei-Buiten-2-e1569581604677-300x62.jpg/>'<p><strong>Het blijft onrustig met de uitbraken van dierziekten in Europa. Op 16 maart is er ook een uitbraak van Mond en Klauwzeer (MKZ) vastgesteld op het Griekse eiland Lesbos. LTO attendeert iedereen op de risico’s en het gevaar op insleep of verspreiding van dierziekten via diertransport en meenemen van vleeswaren. Blijf alert en neem geen risico’s. </strong></p>
<p><strong>Actuele situatie van MKZ | Griekenland<br />
</strong>Op Lesbos Griekenland is een bedrijf met 38 runderen en 250 schapen besmet, waar klinische verschijnselen van MKZ werden geconstateerd bij de runderen. Het bedrijf wordt geruimd en een beperkingsgebied van 10 kilometer is ingesteld conform Europese eisen. Het serotype moet nog worden vastgesteld. Eerder is al aangegeven dat het risico op verspreiding van het virus naar Griekenland werd ingeschat als ‘waarschijnlijk’, omdat verschillende Griekse eilanden slechts enkele kilometers van Turkije liggen.</p>
<p><strong>Actuele situatie van MKZ | Cyprus<br />
</strong>Op 20 en 21 februari van dit jaar werden er uitbraken met het serotype SAT1 gemeld op het Europese deel van Cyprus in de regio Larnaca. Ondertussen is er op 40 bedrijven een uitbraak gemeld waar in totaal ruim 27.000 runderen, schapen en geiten aanwezig zijn. Met name bij schapen en geiten worden verschijnselen waargenomen. Ook op Cyprus worden de Europese maatregelen uitgevoerd (ruimen, beperkingsgebied). Daarnaast wordt er gevaccineerd.</p>
<p><strong>Stand van zaken Lumpy Skon DiseaseLSD<br />
</strong>Op 3 maart heeft Spanje twee uitbraken van LSD gemeld in de provincie Huesca. De voorlaatste uitbraak was gemeld op 7 januari 2026. De runderen op de twee bedrijven waar een uitbraak is gemeld, waren nog niet gevaccineerd. De dieren hadden respiratoire klachten sinds begin februari. De runderen herstelden niet van de respiratoire klachten (beide bedrijven) en het uiteindelijke ontstaan van huidlaesies op één bedrijf gaf aanleiding om te testen op LSD op beide bedrijven. De runderen zijn positief op het LSD-virus getest. De bedrijven zijn geruimd. En er is gevaccineerd in de vaccinatiezones. Er zijn de afgelopen 2 weken geen nieuwe uitbraken bijgekomen.</p>
<p><strong>Extra Reiniging en Ontsmetting (R&amp;O) veewagens verplicht<br />
</strong>De NVWA heeft de EU-landenlijst met verplichte tweede reiniging en ontsmetting (2e R&amp;O) van transportmiddelen voor evenhoevigen aangepast, in verband met een uitbraak van mond-en-klauwzeer (MKZ) die is vastgesteld onder gehouden rundvee in Griekenland.</p>
<p>Om verspreiding van MKZ via diertransport te voorkomen, moeten lege en geladen vervoermiddelen voor evenhoevigen, die terugkeren of komen uit Griekenland onmiddellijk na binnenkomst in Nederland een extra reiniging en ontsmetting (R&amp;O) ondergaan, op grond van de artikel 6.3 van de Regeling veterinaire maatregelen specifieke dierziekten of zoönosen.</p>
<p>Deze extra R&amp;O-verplichting geldt momenteel voor 14 EU-risicolanden voor evenhoevigen en voor alle landen buiten de Europese Unie, oftewel derde landen. <a href="https://www.nvwa.nl/onderwerpen/dier/reinigen-en-ontsmetten-van-diertransportmiddelen/risicolanden-eu-en-tweede-r-o/lijsten/landen-waarvoor-een-2e-ro-verplicht-is-bij-transport-van-evenhoevigen-varkens-runderen-schapen-geiten-en-herten" target="_blank" rel="nofollow">Lees meer</a></p>
<p>De tabellen op de NVWA-website (NL-EN) zijn aangepast:</p>
<ul>
<li><a href="https://www.nvwa.nl/onderwerpen/dier/reinigen-en-ontsmetten-van-diertransportmiddelen/risicolanden-eu-en-tweede-r-o/lijsten/landen-waarvoor-een-2e-ro-verplicht-is-bij-transport-van-evenhoevigen-varkens-runderen-schapen-geiten-en-herten" target="_blank" rel="nofollow">Landen waarvoor een 2e R&amp;O verplicht is bij transport van evenhoevigen: varkens, runderen, schapen, geiten en herten | Reinigen en ontsmetten van diertransportmiddelen (R&amp;O) | NVWA</a></li>
<li><a href="https://english.nvwa.nl/topics/animal-health/import-of-animals-and-animal-products/country-list-mandatory-additional-cleansing-disinfection-of-cloven-hoofed-animal-transport-vehicles" target="_blank" rel="nofollow">Country list mandatory additional Cleansing &amp; Disinfection (C&amp;D) of cloven-hoofed animal transport vehicles in the Netherlands | Import of animals and animal products | NVWA-English</a></li>
</ul>
<p>Griekenland stond al op de landenlijst vanwege eerdere uitbraken van Peste des petits ruminants (PPR) en schapen en geitenpokken (SGP). Nu met MKZ erbij blijft Griekenland een EU-risicoland, waarvoor een 2e R&amp;O verplicht is bij transport van evenhoevigen.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
                <item>
            <title>
                Stikstofrapportage bevestigt opgave, maar Nederland moet af van papieren werkelijkheid            </title>
            <link>
            https://www.lto.nl/stikstofrapportage-bevestigt-opgave-maar-nederland-moet-af-van-papieren-werkelijkheid/            </link>
            <pubDate>
                Thu, 12 Mar 2026 06:56:20 +0000            </pubDate>
            <guid isPermaLink="true">
                https://www.lto.nl/stikstofrapportage-bevestigt-opgave-maar-nederland-moet-af-van-papieren-werkelijkheid/            </guid>
            <description>
                <![CDATA[De gisterenavond gepresenteerde rapportage over de voortgang van het stikstofbeleid laat zien dat de stikstofdepositie de afgelopen jaren weliswaar fors is afgenomen, maar dat...]]>
            </description>
            <content:encoded>
                <![CDATA[<img src='https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2023/11/Koeien-grondgebondenheid-300x200.jpg/>'<p><strong><a href="https://www.pbl.nl/publicaties/monitoring-en-evaluatie-van-het-programma-stikstofreductie-en-natuurverbetering" target="_blank" rel="nofollow">De gisterenavond gepresenteerde rapportage uit de tweede Monitoring en evaluatie van het Programma Stikstofreductie en Natuurverbetering (PSN)</a> over de voortgang van het stikstofbeleid </strong><strong style="font-size: 1em;">laat zien dat de stikstofdepositie de afgelopen jaren weliswaar fors is afgenomen, maar dat het tempo van verbetering onvoldoende is om de huidige natuurdoelen te halen. Volgens LTO Nederland bevestigt de rapportage dat Nederland een andere koers nodig heeft: weg van een papieren werkelijkheid gebaseerd op modelberekeningen en toe naar een geborgde aanpak die daadwerkelijk leidt tot emissiereductie. Daartoe presenteerde LTO onlangs samen met gemeenten, provincies, waterschappen en NAJK een <a href="https://www.lto.nl/wp-content/uploads/2025/07/Gezamenlijke-bouwsteen-emissiereductie-landbouw.pdf" target="_blank">bouwsteen emissiereductie.</a></strong></p>
<p>Volgens LTO laat de rapportage zowel waardevolle inzichten als duidelijke tekortkomingen in het huidige stikstofbeleid zien. Positief is dat uit het rapport blijkt dat de stikstofdepositie in Nederland al langere tijd daalt en dat sectoren maatregelen hebben genomen om emissies terug te dringen. Tegelijkertijd wordt de voortgang nog steeds vooral beoordeeld op basis van modelberekeningen van stikstofdepositie en het toetsen aan kritische depositiewaarden (KDW). Volgens LTO leidt dit in de praktijk tot een papieren werkelijkheid die onvoldoende basis biedt voor effectief beleid.</p>
<p>Plannen van de nieuwe coalitie en het ingestelde stikstoffonds maken nog geen onderdeel uit van de doorrekening. Om die plannen uit te kunnen voeren moet er aan randvoorwaarden worden voldaan, zoals vergunningverlening. Dat moet de hoogste prioriteit krijgen.</p>
<p>Daarbij blijft in het rapport onderbelicht dat de KDW’s voor veel Natura 2000-gebieden halverwege het traject vergaand zijn aangescherpt. Hierdoor is de opgave voor sectoren, waaronder de landbouw, aanzienlijk groter geworden. LTO pleit er daarom voor om de KDW uit de wet te halen en boeren te beoordelen op hun daadwerkelijke emissies in plaats van op modelberekeningen.<br />
Ook concludeert het rapport dat innovaties in de afgelopen jaren nog weinig hebben opgeleverd. LTO onderschrijft dat beeld, maar wijst erop dat een belangrijke oorzaak niet wordt benoemd: er worden al geruime tijd vrijwel geen vergunningen meer afgegeven voor de veehouderij. Daardoor ontbreekt voor boeren het noodzakelijke handelingsperspectief om te investeren in nieuwe technieken, zelfs wanneer zij dat wel willen.</p>
<p><strong>Naar een geborgde aanpak van emissiereductie<br />
</strong>LTO pleit voor een aanpak waarin emissiereductie centraal staat en waarin maatregelen juridisch, financieel en praktisch worden geborgd en boeren weer een vergunning kunnen krijgen voor de maatregelen die ze nemen.</p>
<p>Dat betekent een systematiek waarin reducties worden gerealiseerd, gemonitord en juridisch geborgd. LTO heeft vorig jaar zomer samen met de koepelorganisaties IPO, VNG en UvW en jongerenboerenorganisatie NAJK een bouwsteen voor het kabinet opgesteld met een bod hoe de stikstofproblematiek kan worden aangepakt. LTO is verheugd dat de huidige coalitie ook erkent dat een dergelijke koerswijziging nodig is. In deze rapportage zijn deze plannen nog niet meegenomen.<br />
De komende jaren zullen we moeten werken aan een aanpak waarin alle sectoren bijdragen aan geborgde emissiereductie. Dat vraagt ook om aanpassing van de wetgeving, zodat beleid weer uitvoerbaar wordt en vergunningverlening mogelijk blijft.</p>
<p><strong>Landbouw wil bijdragen<br />
</strong>De landbouwsector heeft volgens LTO de afgelopen decennia al aanzienlijke emissiereducties gerealiseerd en kan ook in de toekomst een belangrijke bijdrage leveren.<br />
Boeren willen en kunnen verdere stappen zetten richting emissiereductie, maar daarvoor is perspectief nodig: duidelijk beleid, realistische doelen en ruimte om te investeren in innovatie en verduurzaming. Alleen met een dergelijke aanpak kan zowel natuurherstel als maatschappelijke ontwikkeling worden gerealiseerd.</p>
]]>
            </content:encoded>
                                </item>
            </channel>
</rss>
