Rundveehouderij start BVD–IBR campagne

De Nederlandse rundveehouderij (melkvee, kalveren, vleesvee) start dit jaar een campagne om de rundveeziektes BVD en IBR zo veel als mogelijk uit te bannen. De campagne is een initiatief van LTO Nederland, SBK, CRV en NZO. Ook de KNMvD is betrokken bij het initiatief. De initiatiefgroep kiest voor één gezamenlijke aanpak van beide dierziektes.
“Ons doel is een op en top gezonde rundveestapel. Daar hoort uitbannen van IBR en BVD bij. Bovendien is het belangrijk voor het imago van de Nederlandse rundveehouderij en het biedt een economisch voordeel voor de ondernemers”, aldus voorzitter van de initiatiefgroep Toon van Hoof (LTO portefeuille Diergezondheid en Dierwelzijn).
Om IBR succesvol uit te kunnen bannen, is het een vereiste dat álle rundveehouders meedoen. “Daarvoor is de inzet nodig van juridische-en andere instrumenten. Sluitende regelgeving is een belangrijk issue alvorens te starten met de communicatiecampagne.”
IBR, ook wel koeiengriep genoemd, is een ontsteking van voornamelijk de voorste luchtwegen en is zeer besmettelijk onder koeien en kan leiden tot verwerpers en soms sterfte. BVD is eveneens een besmettelijke infectieziekte veroorzaakt door het BVD-virus. Symptomen van BVD zijn onder meer diarree, koorts en een scala andere klachten. Daarop volgt een periode waarin de dieren een sterk verminderde weerstand hebben, met als gevolg minder gezonde dieren en extra antibioticagebruik.
 
Uitbannen
IBR en BVD zijn weliswaar twee verschillende rundveeziektes, maar om ze in Nederland uit te bannen kiest de initiatiefgroep voor één aanpak en één campagne. “Dat heeft praktische, financiële en juridische voordelen”, zegt Van Hoof. De voorgestelde aanpak en communicatiecampagne starten niet bij nul. Er zijn al veel rundveehouders (circa de helft) op één of andere manier actief op hun eigen bedrijf. Via certificeringsprotocollen zijn al veel bedrijven vrij van IBR. Bestrijding op bedrijfsniveau van BVD heeft een minder lange geschiedenis, maar ook BVD is al op veel bedrijven succesvol bestreden.
Komende maanden zal een projectgroep met deskundigen het plan van aanpak verder uitwerken. De projectgroep zoekt uit wat de beste aanpak is vanuit veterinair oogpunt (testen, vaccins), welke juridische regelgeving nodig is (export, collectieve regels) en wat technisch en organisatorisch (monitoren, certificeren) de meest effectieve route is.
 
Europese Commissie
“Het is ons streven om van de Europese Commissie de status ‘IBR-vrij’ te krijgen. Bij voorkeur willen we die status ook voor BVD”, aldus Van Hoof. Het sluitstuk van het plan is om de Nederlandse aanpak in te passen in Europese regelgeving voor dierziektebestrijding. Voor IBR is de wetgeving verankerd in een al bestaand Europees kader (artikel 9/artikel 10 statussen conform Richtlijn 64/432), maar de Nederlandse certificeringssystematiek sluit onvoldoende aan bij wat gangbaar is in EU-erkende bestrijdingsprogramma’s. Van Hoof: “Goede onderbouwing van een Nederlandse aanpak is nodig om die ook in de Brusselse kaders ingepast te krijgen.” Voor BVD is geen wettelijk kader beschikbaar. Met een groeiend aantal landen dat BVD wil bestrijden en meer flexibiliteit in de Animal Health Law die wordt ontwikkeld, is het wel reëel dat er een wettelijk kader ter beschikking komt.
 
Ondersteuning
De aanpak van de initiatiefgroep bestaat uit het ontwikkelen en invoeren van instrumenten en een communicatiecampagne. Dierenartsen en erfbetreders zijn in de communicatiecampagne belangrijke steunzenders. Zij hebben direct contact met veehouders, zitten aan de keukentafel of staan in de stal waar de veehouder ontvankelijk is voor advies en inzicht. Om die reden is de beroepsorganisatie voor dierenartsen, de KNMvD, betrokken geweest bij het initiatief.
 
In de communicatiecampagne staat de individuele verantwoordelijkheid van de rundveehouder centraal. Primair ligt de verantwoordelijkheid op het bordje van de rundveehouder, maar het collectieve belang ligt één op één in het verlengde van het individuele belang. Daarom ondersteunt de campagne de rundveehouder met kennis en inzicht door coaching en samen leren in studieclubverband. “Wij willen enerzijds de positie en het imago van de Nederlandse rundveehouderij op de exportmarkt versterken. Daarmee bieden we direct en indirect ook kansen aan ondernemers om hun inkomen te versterken. Anderzijds willen we de individuele veehouder ondersteunen in het nemen van zijn verantwoordelijkheid. Een op en top gezonde veestapel is een direct belang van de rundveehouder”, vat Van Hoof de campagne samen.

17 juli 2014

BRON:
Naar boven