Internationaal

Nederland is de tweede exporteur van land- en tuinbouwproducten in de wereld. Het is evident dat de agrarische sector sterk afhankelijk is van haar internationaal beleid. LTO legt dan ook sterk het accent op internationale samenwerking.

Sterke positie in Europa

Voor de land- en tuinbouw is het Europese beleid van toenemend belang. De Europese Unie stelt de randvoorwaarden vast waaronder de Nederlandse boeren en tuinders moeten werken. Daarbij gaat het niet alleen om markt- en prijsbeleid, maar ook om voedselveiligheid, dierenwelzijn en bescherming van natuur en milieu.

LTO Nederland is actief betrokken bij de Europese discussie over al deze onderwerpen. Bestuurders zorgen samen met de medewerkers Internationale zaken dat de belangen van de Nederlandse boeren en tuinders helder naar voren worden gebracht, zowel in Den Haag als in Brussel. Daarbij functioneert het LTO-Bureau Brussel als een permanente voorpost in het hart van de Europese hoofdstad.

LTO staat op het standpunt dat een Europees beleid voor landbouw en platteland nodig blijft om het land- en tuinbouwbedrijven mogelijk te maken op ontwikkelingen in markt en maatschappij in te spelen. Ook als de huidige afspraken over het EU-landbouwbeleid over enkele jaren aflopen.

Al in 2008 heeft LTO een visie gepubliceerd over het wenselijke Europees landbouw- en plattelandsbeleid na 2013. Daarin staat wat nodig is voor het realiseren van een maatschappelijk gewaardeerde land- en tuinbouw die economisch sterk is en concurrerend opereert. LTO Nederland vindt dat het huidige Europese landbouwbudget tenminste gehandhaafd moet worden. Na 2013 moet de inzet van dit geld bijdragen aan versterking van de marktpositie van sectoren en bedrijven die hun strategie afstemmen op ontwikkelingen in markt en maatschappij. Het Europees beleid voor landbouw en platteland dient de concurrentiekracht van de ondernemers te versterken.

Daarnaast moet het beleid voorzien in publieke beloning voor het beheer van het landschap, voor het verrichten van groene en blauwe diensten en voor het instandhouden van maatschappelijk gewenste land- en tuinbouw in specifieke regio’s.

Wat betreft de wereldwijde handel in land- en tuinbouw acht LTO het sluiten van een evenwichtig WTO-akkoord van groot belang. In een akkoord over liberalisering van de wereldhandel mogen de belangen van land- en tuinbouw niet worden opgeofferd ten gunste van industriële goederen (NAMA) en diensten. Na eerdere eenzijdige toegevingen moet de Europese Unie nu wachten op concessies van andere handelsblokken, met name van de Verenigde Staten.

Internationale samenwerking

LTO Nederland zet zich in voor het bevorderen van internationale samenwerking tussen boeren en tuinders. Daarbij ligt het accent op de ontwikkeling van producentenorganisaties. LTO Nederland voert projecten uit in samenwerking met Agriterra waarbij landbouwers of landbouworganisaties direct betrokken zijn. De projecten lopen niet via overheden en zijn erop gericht dat ook in de ontwikkelingslanden boeren zich ondernemer kunnen (gaan) voelen.

In Nederland groeit de betrokkenheid van het bedrijfsleven bij ontwikkelingsprojecten. Vanuit maatschappelijk verantwoord ondernemen is een tendens zichtbaar om meer private initiatieven te nemen. Ook marktsegmentatie en marktperspectieven spelen in toenemende mate een rol.

LTO Nederland heeft via Agriterra contacten met Agriprofocus en Agricord. Daarnaast leveren we bijdragen richting de stichting Wereldvoedselvraagstuk/FAO-comité Nederland.

LTO Nederland is vertegenwoordigd in diverse internationale organisaties. Dit zijn onder andere: