‘Eindresultaten van TTIP-handelsoverleg zijn bepalend’

Er staat voor de Nederlandse land- en tuinbouw bij de TTIP-onderhandelingen veel op het spel. ,,Maar de eindresultaten van het handelsoverleg zijn bepalend. Als die niet goed genoeg zijn, dan komt er geen verdrag.”

Dit zei Albert Jan Maat gisteren in een uitzending van BNR, waarin hij in discussie ging met Jacomijn Pluimers van Milieudefensie. Als onderdelen van de afspraken ons niet passen, zullen sectoren of producten buiten een mogelijke overeenkomst moeten worden gehouden, stelde hij.

Strategisch belang
De LTO-voorzitter schetste het grote strategische belang van de agrosector en de noodzaak om mee te sturen en aan de onderhandelingen mee te doen. ,,Dus niet op voorhand als Calimero aan de kant blijven zitten. Met de kans dat de land- en tuinbouw als toetje uit de bus komt, waar we ons niet mee hebben bemoeid. (…) We moeten het gevecht aangaan”, aldus Maat.

Hij benadrukte dat niet te gemakkelijk op voorhand mag worden aangenomen, dat allerlei standaarden op het gebied van bijvoorbeeld arbeid (minimumloon), energieaccijns, gewasbescherming en keuringskosten) in de VS op een lager niveau liggen dan in Europa. Er zitten weliswaar verschillen tussen lidstaten, maar dat is in Europa niet anders.

Betere spelregels
Op de Amerikaanse afzetmarkt winnen producten met meerwaarde (dierenwelzijn, biologische productie) terrein. ,,We zijn er niet voor om standaarden te verlagen”, aldus Maat. Juist met het oog op betere spelregels en de mogelijkheid, om samen met de VS standaarden voor het mondiale handelsverkeer te zetten, ziet hij voldoende argumenten om het gesprek aan te gaan.

De discussie op BNR-radio tussen Maat en Pluimers is te beluisteren:
http://www.bnr.nl/?player=archief&fragment=201604251003551080

 
 

26 april 2016

BRON:
Naar boven